Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II.

HET REINE VERSTAND OF HET DENKVERMOGEN IN HET ALGEMEEN.

Evenals men van levensmiddelen in het algemeen spreekt en in den loop der rede vrucht, koren, graan, vleesch, brood enz. als synomyme uitdrukken gebruiken mag, die zonder aan hun verschil schade te doen toch allen onder het begrip levensmiddelen als gelijk-beteekenend tellen, zoo spreken wij hier van de rede, het bewustzijn, het verstand, het voorstellings-, begrips-, onderscheidings-, denk- of kenvermogen, als gelijkbeteekenende dingen. Wij hebben hier immers niet met de verschillende klassen, maar met de algemeene natuur van het denkproces te maken.

„Het valt geen verstandig mensch in," zegt een moderne fysioloog, „den zetel der geestelijke krachten, als bij de Grieken, in het bloed te willen zoeken, of, als in de middeneeuwen, in de pijnappelklier — maar allen zijn er van overtuigd, dat in de centra van het zenuwstelsel ook het organische middelpunt voor de geestelijke funktie van het dierlijke organisme te zoeken is." — Jawel! Denken is een funktie der hersenen, even als schrijven een funktie der hand. Maar evenmin als het onderzoek en de anatomie der hand de vraag vermag op telossen, wat is schrijven? — evenminkan het fysiologische onderzoek der hersenen de vraag benaderen, wat is denken? Met het anatomische mes kunnen wij den geest worgen, maar niet ontdekken. De erkenning, dat denken een produkt van de hersenen is, doet ons ons onderwerp zoo ver nader komen, als het uit het gebied van de fantasie, waar de~ spoken rondgaan, in het heldere daglicht der werkelijkheid getrokken wordt VariTeen onmateneel onvatbaar wezen wordt van lm aan de geest tót een lichamelijke werkzaamheid.

Denken is een werkzaamheid der hersenen, evenals loopen een

Sluiten