Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wel begrepen, wie zal het loochenen ? Maar het werktuig van deze kennis, het kenvermogen, wordt verkeerd begrepen. Wij zien, dat de natuurwetenschap, inplaats van het verstand wetenschappelijk te appliceeren, er mee experimenteert. Waarom? Omdat zij de kritiek van het verstand, de leer van de wetenschap of logika veronachtzaamt.

Evenals heft en lemmer de algemeene inhoud van het mes is, zoo zagen wij voor den algemeenen inhoud van het verstand het generale zelf, het algemeene. Wij weten, dat het dezen inhoud niet uit zichzelf, maar uit het gegeven objekt voortbrengt en wij kennen dit objekt als de som van al het natuurlijke of fysieke. Het objekt is dus een onmetelijk, onbegrensd, absoluut kwantum. Dit onbegrensde kwantum verschijnt in begrensde kwantiteiten. In de behandeling van relatief kleine kwantiteiten van de natuur is men zich wel bewust van het wezen van het verstand, van de methode van het weten of van het kennen. Er blijft ons over om aan te toonen, dat ook de groote natuurverhoudingen, waarvan de behandeling betwistbaar is, geheel op dezelfde manier te kennen zijn. Oorzaak en werking, geest en materie, kracht en stof zijn zulke groote. wijde, breede algemeene natuurwetenschappelijke voorwerpen. Wij zullen aantoonen, hoe de algemeenste tegenstelling tusschen het verstand en zijn voorwerp de sleutel is, om de groote tegenstellingen open te sluiten.

a. Oorzaak en Werking.

„Het wezen der natuurleer," zegt F. W. Bessel, „bestaat daarin, dat zij de verschijnselen niet als op zichzelf bestaande feiten beschouwt, maar de oorzaken opzoekt, waarvan de verschijnselen de gevolgen zijn. Hierdoor wordt de kennis der natuur tot het kleinste aantal van feiten teruggebracht." Maar ook reeds vóór de eeuw der natuurwetenschap had men voor de verschijnselen der natuur oorzaken opgezocht. Het karakteristieke van de natuurwetenschap bestaat niet zoo zeer in het onderzoek naar oorzaken, als wel in de eigenaardige gesteldheid, in de kwaliteit van de oorzaken, die zij onderzoekt.

De induktieve wetenschap heeft het begrip der oorzaak wezenlijk veranderd. Het woord heeft zij behouden, maar zij verstaat er een geheel andere zaak onder dan de spekulatie. De natuuronderzoeker begrijpt in zijn vak de oorzaak geheel anders dan daarbuiten, waar hij veel spekuleert, omdat hij de wetenschap en haar oorzaak slechts nog in het bijzondere, maar niet in het algemeene kent. De onwetenschappelijke oorzaken hebben een boven-natuurlijken aard, zijn buiten-natuurlijke geesten, goden, krachten, groote of kleine kabouters. Het oorspronkelijke begrip der oorzaak is een

Sluiten