Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(1. w. z. de mensehen, die een huwelijk sluiten, moeten zelf beoordeelen of zij de moeilijkheden waarvoor zij komen te staan, aandurven of niet, en moeten zelf weten, wat in hun omstandigheden het geschikste is. Laat ons niet vergeten, dat wij over die vrouwen, wat haar maatschappelijke positie aangaat, maar niet het volkomen vrije recht van beschikking hebben, want dat die vrouwen rechten hebben gekregen krachtens afgelegde examens."

Dit kloeke woord van den, in Staatsdienst vergrijsden, geleerde deed, als kaf voor den wind, verstuiven de armzalige drogreden, die, vóór hem, waren te berde gebracht.

Het Ned. volk had vernomen van Mr. Heemskerk : „dat het behoud van het ambt bij het begin van het huwelijk altijd conflict in het leven moet roepen", zonder aanwijzing van ook maar een zweem van motief, voor die beweerde noodzakelijkheid.

Yan Mr. Ruys de Beerenbrouok, vernamen wij, eerst, dat de gehuwde vrouw eene gedaanteverwisseling ondergaat, straks, dat, in het rapport eener Enquete-commissie van 1890, er op aangedrongen wordt, de gehuwde moeder van leerplichtige kinderen fabrieksarbeid te verbieden. Blijkbaar vergat de geachte spreker, dat tusschen beeldspraak en bewijsvoering een aanwijsbaar verschil bestaat, en vergat hij tevens, dat ook leerplichtige kinderen behoefte kunnen hebben aan eene moeder, die den kost voor hen wint.

Sluiten