Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Heemskerk Azn., kwam in oproer; er zou immers, uit staking, rustverstoring kunnen voortkomen.

Ik behoorde tot hen, die deze drogreden, in woord en geschrift, bestreden, met liet bescheid: wacht tot er rustverstoring is, dan kunt gij haar bedwingen.

Zóó, hier. Indien men, in stede van objectief aanwijsbare daden, subjectief opgevatte verwachtingen wil gaan straffen, is er niemand in, noch buiten deze zaal, die aan straf ontkomt.

Men prijze niemand gelukkig vóór zijn dood, zeiden de Ouden, en in 't Evangelie vindt men de les: wie staat zie toe, dat hij niet valle. De zin van beide uitspraken is dezelfde. Nopens gebeurlijkheden zijn gissingen geoorloofd. Tot dusver echter waren wij wèl gewoon, kout van dit gehalte aan te treffen, hetzij aan de bittertafel, hetzij bij kraambezoek, niet, in het relaas der bestuurshandelingen eener groote en fiere handelsplaats.

Straf, ten eenenmale zonder aanwijsbaar motief, is derhalve de eerste geweldpleging aan den Rechtstaat.

II. Het tweede beginsel, waarop ik uwe aandacht vestig, is, door mij, op den voorgrond gesteld, in de allereerste vergadering (17 Mei 1901), die 11a vestiging van den Bond, die den rechtstoestand van ambtenaren nastreeft, gehouden werd. Ik herhaal, hier, de eigen woorden:

„Het ambtenaarscontract is van publieken rechte.

„Wanneer ik zeg het ambtenaarscontract, dan bedoel ik

Sluiten