Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aantoonen, dat nog de opkomst van liet machtige aetolisehe rijk in Noord-Griekenland in de derde eeuw voor onze jaartelling aanleiding heeft gegeven tot het ontstaan eener jonge aetolisehe mythologie, met andere woorden, tot eene omwerking der helleensche heldensage van aetolisch standpunt. I)e ondergang der staatkundige onafhankelijkheid was natuurlijk tevens de dood der heldensage.

Het grieksche volk is ten allen tijde hartstochtelijk aan zijne mythen gehecht geweest; zij hebben zoowel in het dagelijksch leven als in de poëzie en in de beeldende kunst, gelijk ieder weet, eene zeer groote rol gespeeld. Voor zoover wij ons ten doel stellen ons rekenschap te geven van den aard dier mythologische voorstellingen en den zin, dien men in het historische tijdperk zelf daaraan hechtte, hangt onze studie dus ton nauwste met de gelieele antieke philologie samen. In veel mindere mate geldt dit daarentegen van wat men zou kunnen noemen de praehistorische mythologie. Daar zijn geleerden, die bij voorkeur vragen naar de herkomst en de oorspronkelijke beteekenis van iedere mythologische gestalte. Zij rusten niet, voor zij b.v. uitgemaakt hebben, dat met deze figuur eigenlijk de zon en met gene de maan bedoeld was. Xu is liet onbetwistbaar, dat de verpersoonlijking van natuurkrachten tot het ontstaan van ze^r vele godheden geleid heeft. Doch wanneer valt dat ontstaan? Immers in tijden, die nog aan do alleroudste grieksche beschaving zijn voorafgegaan. Het grieksche volk is geboren uit tic vermenging der arische Hellenen met eene niet-arische vroegere bevolking des lands. De grieksche godsdienst en de mythologie zijn op dezelfde wijze ontstaan, namelijk ten deele uit de voorstellingen, welke de Ariërs bij hunne komst iu Griekenland (tusschen 200(1 en 1500 v. Chr.)

Sluiten