is toegevoegd aan je favorieten.

De verhouding van de pharmacie tot het hooger onderwijs

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onze vijf1) Rijks- Landbouwproefstations in dat opzicht voorzien in de behoeften van den landbouwer vooral door het onderzoek van meststoffen en voederstoffen en het Rijks-Laboratorium voor onderzoek van Handelswaren nu sinds ongeveer een jaar met vrucht werkt om den kleinhandelaar te hulp te komen, wanneer hij zich van de deugdelijkheid der door hem ingeslagen materialen wil overtuigen alvorens die aan het publiek te leveren, verdient alleszins lof. Verder ziet men een ander stelsel in eenige van onze groote steden2) waar nu niet in hoofdzaak het systeem van voorlichting in toepassing gebracht wordt, maar controleerend e enquêteerend wordt te werk gegaan, ten einde zoodoende met beperkte arbeidskracht den toestand van de levensmidden in een groote stad over haar geheel te kunnen overzien.

Voeg daarbij nog de particuliere bureaux van scheikundig onderzoek gedreven door chemici of apothekers, die zich bezighouden met het onderzoek van levensmiddelen, dan blijkt uit dit alles voldoende de behoefte van het publiek aan voorlichting in zaken die hunne voeding en verder levensonderhoud betreffen. Wordt daaraan nu nog slechts tegemoet gekomen in de grootste der gemeenten, allengs zal deze zorg zich uitbreiden tot de kleinere gemeenten en het is niet te verwachten dat particulier initiatief hier slagen zal, maar wel dat de zorg van den Staat hier veel goeds zal kunnen uitrichten.

Dat is éen zaak.

Een andere is de hulp als practisch hygiënist, die de apotheker aan den geneesheer bij de uitoefening van

*) Te Wageningen, Hoorn, Groningen, Goes, Maastricht.

') Amsterdam, Rotterdam, Leiden, den Haag, Groningen.