Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een bepaald gedeelte van een groote gemeente of een bepaald district van het land ter verzorging is aangewezen en die daartoe in de eerste plaats is uitgerust met een goed ingericht laboratorium met een amanuensis, die hem daarin behulpzaam is. Dat deze inrichting aan eene apotheek in haar tegenwoordige vorm verbonden zou zijn, is denkbaar maar volstrekt niet noodzakelijk. Want hij zal in die apotheek niet meer het winkelbedrijf uitoefen, maar deze apotheek zal slechts een onderdeel vormen, — een betrekkelijk klein onderdeel, — van de zaken waarover hij zijn hygienische zorg uitstrekt. Hij zal zich niet meer behoeven te bemoeien met de voordeeligste inslag van chemicaliën en met de controle van deze stoffen bij hunne aankoop, niet meer met de bereiding voor zijne eigen beperkte behoefte van tincturen, extracten en dergelijken, want deze preparaten worden uit de centrale inrichting verschaft. Maar wel zal het noodig zijn te blijven constateeren of deze geneesmiddelen tijdens hunne bewaring in de apotheek, waar vele onderhevig zijn aan verandering door lucht en licht en andere invloeden, na verloop van tijd nog hunne deugdelijke samenstelling hebben blijven behouden. Deze controle kan zich voor éen ambtenaar evenwel uitstrekken over verscheidene apotheken in zijn district gelegen en eerst daardoor zal het mogelijk zijn om ook de vele kleinere apotheken, die tegenwoordig door geneesheeren ten platten lande gedreven worden, in deze regelmatige controle te betrekken. Daar de uitoefening van het winkelbedrijf evenwel overgelaten wordt aan ambtenaren met een minder breede wetenschappelijke opleiding — noemt hen drogisten, hulpapothekers, apothekersbedienden of adsistenten, om het even — kun-

Sluiten