Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Y.

's Rechters ïydelijkheid.

De lijdelijkheid van den rechter in het civiele geding is het dogma, uit krachte waarvan de rechter enkel bij het vonnis zich doet gelden, en voor die uitspraak gebonden is aan den eisch, gelijk die bij hem is aanhangig gemaakt.

In 1891, is dit dogma door de Ned. Juristenvereniging behandeld. Toen reeds was ik, gelijk ik het nu nog ben, van meening, dat met dit dogma ten eenenmale gebroken moet worden. Vandaar, dat ik mijn toenmaligen gedachtengang, opnieuw, volgen en resumeeren kan. (1)

In de lijdelijkheid van den civielen rechter drukt op ons proces een erfdeel van Rome, dat, ondanks hemelsbreed verschil, overgenomen is, en zonder de minste aanleiding, alleen door valsche gelijkstelling zich gehandhaafd heeft. Immers, tusschen het standpunt van den civielen rechter, in de Staatsregeling van het republikeinsche Rome, en datzelfde standpunt, naar het rechtsbewustzijn van onze tegenwoordige maatschappij, bestaat niet gelijkheid maar eene tegenstelling. (2)

De gedingvoerende partijen, in het oude Rome, zochten een onpartijdigcn deskundige, een scheidsman, omdat de Staat als zoodanig de rechtsverwezenlijking zich niet aan-

(1) Zie Hand Ned. Jur.-Vereeniging 1891. (den Haag 1891) II blz. '20.

(2) Zie op dit punt Iherinu Geist t. a. p. I § 12.

Sluiten