Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„menseheiijke waarschijnlijkheid, dat dit het geval is. „Inderdaad echter, komt het daarop niet aan. Het doet „absoluut niets tot de zaak, of de bisschoppen, ol de „rechters gedwaald hebben, of niet. Hun laatste uitspraak „verandert werkelijk wit in vormelijk zwart en omgekeerd.

„Beiden kunnen, wat vormelijke waarheid belangt, niet „dwalen, indien alles naar behooren toegaat. Hier immers „bestaat een noodrecht voor de menschelijke rust, hetgeen „meebrengt, dat nu eenmaal datgene vormelijke waarheid „en vormelijk recht zijn moet, hetgeen daarvoor verklaard „of uitgesproken is geworden. De mensch zou nooit ophouden „te krakeelen, ieder zou naar zijne eigene opvatting willen „handelen, en daaruit zou de grootste verwarring ontstaan, „indien men niet, ten slotte, wijselijk het eens geworden „ware hierover: dat men, hetgeen daarvoor uitgesproken „is, voor vormelijk recht houden en opvolgen zou. Aan „ieder blijft daarbij zijne vrije meening, omtrent het werkelijke recht, indien hij van het vormelijke niet zich overtuigen kan, maar op die meening slaat men niet acht.

„Zoodra men echter deze beide begrippen verwisselt, „veroorlooft men aan ieder, datgene, wat hij voor werkelijk „recht erkent, ook in toepassing te brengen. De vorst kan „iederen raadsman, die, naar de overtuiging van genen, „een onrechtschapen man is, uit zijn dienst ontslaan en „naar welbehagen bestraffen. De rechter kan iedere eerste „uitspraak, wanneer zij, naar zijne meening, werkelijk recht „is, onmiddellijk in toepassing brengen, zonder af te

Sluiten