Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vtot het aengaen der proceduren hebben gehadt, maer ^reukeloos, dat is, solider reuk ende nauwkeurig omzicht tot „het pleiten inschieten, waer van het oordeel hangt aen „de wijsheyt ende bescheidenheyt des Rechters.

„Wij zeggen, die geen waerschynelyke reedenen hebben, „ende niet van rechtveerdige reeden, want dan woud' er „altoos een van beiden als reukeloose pleiter gestraft moeten „worden, dat doorgaens niet geschiedt, omdat de waarheyt „ende rechtveerdighevt dik wils door verwertheyt van de „menschelijke gevallen onseeker is en in 't verborgen „schuilt.

„De straften van reukelooze pleiters worden gezegt drie„derley te zijn in de Rechten; eedt van calumnie, eerloos„heyt ende geldt-boete."

Ils n'v vont pas de main morte, — naar men ziet. Het is echter niet om navolging, doch om het beginsel te doen. Naar mijne besliste overtuiging, moet de rechter zich kunnen doen gelden, bij zaken, waarvan ons taaleigen getuigt, dat er wel degelijk „een luchtje" aan is.

Het tweede, met ons proces samenhangend, verwijt aan de rechtspraak gedaan, luidt bij Ihkkino : (1) „De tweede „waarlijk noodlottig geworden afdwalingen der moderne „rechtspraak bestaat in de, door haar gevolgde, bewijstheorie. „Men zou gelooven, dat deze enkel uitgevonden ware mei „de bedoeling om het recht te verijdelen. Wanneer alk

(1) t. a. p. blz. 90.

Sluiten