Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IV. De eerste dagen in Siberië

Een eersten dag, waarop ik een weinig vrij was, bracht ik door met de memorie in gereedheid te brengen, welke ik den keizer wilde indienen. Ik had in deze niets te doen dan mijne opmerkingen en bezwaren, reeds zoolang opgesteld, geschift en gewogen, te rankschikken en in het net over te schrijven. Ik had ze in acht en twintig artikelen verdeeld, die ik ieder afzonderlijk met deugdelijke bewijzen had gestaafd. Ziehier hoe deze verdediging eindigde:

„Von Kotzebue meent door alles wat voorafgaat bewezen te hebben, dat hij twintig jaar lang als een eerlijk man heeft geleefd; dat hij nooit eenige oproerige gevoelens gehad; dat hij nooit geheime briefwisseling gehouden; dat hij nooit over politiek geschreven; dat hij altijd zijne Souvereinen geëerd en geëerbiedigd heeft; dat hij eindelijk zijne echtgenoote, zijn kinderen, teeder bemint, de deugd hoogacht en gaarne onbekend blijft leven.

„Om welken misslag is hij dan zoo ongelukkig geweest den toorn van zijne Majesteit den keizer van Rusland op den hals te halen? Hij weet het niet; en tevergeefs zoekt hij het te raden: Er blijft hem geen ander vermoeden over dan dit:

„Een geheime vijand zal uit mijne geschriften eenige stellingen enlosse volzinnen getrokken hebben en die in een ongunstigdaglicht hebben geplaatst. In dit denkbeeld gesterkt, vraagt Von Kotzebue Uwer Majesteit het verlof en de gunst zich te verdedigen. Zij weet maar al te wel, dat de onschuldigste zaken op trouwelooze wijze voorgesteld kunnen worden. Kotzebue heeft zich dikwijls

,

Sluiten