Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit bij zijn waardigen beschermer Obuljaninow, en vulde dit rapport met allerlei lasterlijke omstandigheden aan. Deze bracht het den keizer ter kennis en verzwaarde nog de zaak. In een woord, men beschuldigde den pastor, dat hij, ondanks de waarschuwing van den censor, onder zijne parochianen gevaarlijke en verboden boeken had laten circuleeren (noteer wel, dat er geen lijst van verboden boeken bestond). Dit alles werd den keizer zoo valsch en trouweloos voorgesteld, dat deze beval, onmiddellijk den pastor in hechtenis te nemen en naar de vesting van St. Petersburg te voeren ; ook had hij aan Tumanski last gegeven het huis van den pastor te omsingelen en al zijne boeken te verbranden. Mijnheer Nagel werd in de zaak niet betrokken.

Toen Tumanski verscheen, om eene zending te vervullen, zoo aangenaam voor zijne wreedheid, bezwoeren hem de inwoners van Riga al de middelen, die in zijne macht waren, aan te wenden, om de ongelukkige familie te redden. Hij beloofde het, doch, zooals men begrijpen kan, met de meening zijn woord niet te houden. Te middernacht liet hij door een troep soldaten de woning van den pastor, die rustig lag te slapen, omsingelen. Men kan zich gemakkelijk verbeelden, hoe deze bij zijn ontwaken ontstelde.

Dewijl de uitgangen nu voldoende bezet waren, maakte men den inventaris der papieren op, men verzegelde alles, verzamelde al de boeken en bracht ze op den brandstapel. De ongelukkige werd in een rijtuig geworpen en door een officier van politie naar St. Petersburg gevoerd.

Toen de geestelijke een weinig van den eersten schrik bekomen was, vroeg hij zijn geleider een brief aan zijne vrouw te mogen schrijven. Men stond het hem toe, en de officier van politie nam den schijn aan, alsof hij eigenhandig den brief op den post bestelde, doch de trouwelooze man bewaarde hem en overhandigde hem, toen hij te St. Petersburg aangekomen was aan den procureur-generaal. Deze brief bevatte eerst eenige klachten, zeer vergeeflijk om den wreeden toestand, waarin de ongelukkige pastor zich bevond, doch hij bevatte ook een verzoek aan zijne echtgenoote, om de lieden gerust te stellen en tot kalmte aan te sporen. Hij hoopte

Sluiten