is toegevoegd aan uw favorieten.

De nieuwe methoden in de mechanica der hemellichamen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ver willen gaan het over de planeten-astronomie zooeven gevelde vonnis volkomen rechtvaardig te noemen, ware het niet dat ook zij in denzelfden tijd, die van den opbloei der vaste-sterren-astronomie getuige was, een verjongingskuur had ondergaan.

Zij is, zoo min als alle andere wetenschappen, onaangeroerd gebleven door de geestesstrooming die de tweede helft der negentiende eeuw heeft beheerscht, maar hare ontwikkeling heeft zich afgespeeld naast die van de stellairastronomie, met zeer weinig aanrakingspunten. In de vastesterren-astronomie is, zooals natuurlijk is in eene jonge wetenschap, de praktische kant meer op den voorgrond getreden; bij de planeten-astronomie is het vooral het theoretische deel van de wetenschap, dat zich in den laatsten tijd buitengemeen ontwikkeld heeft, en een geheel ander aanzien heeft verkregen.

De scheiding tusschen theorie en praktijk is in de sterrenkunde reeds in de allervroegste tijden zeer duidelijk. Hipparchus was voornamelijk practicus, Ptolemaeus gaf aan de theorie de voorkeur; Tycho was praktisch astronoom , bij Kepler was de theorie hoofdzaak. De oorzaak hiervan ligt voor de hand. In andere wetenschappen kan men door het experiment aan de natuur de vragen stellen, die men juist beantwoord wenscht te zien: de hemellichamen laten niet met zich experimenteeren. Het is waar, dat de jonge stellair-astronomie in ruime mate, en met succes, gebruik maakt van het experiment ; maar eenerzijds is dit dan toch experiment in een uitgebreideren zin van het woord dan b.v in de natuurkunde gewoonlijk daaraan gehecht wordt, en anderzijds is haar dit juist mogelijk gemaakt door de groote vol-