Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kooplieden die geen belang hebben bij hun goeden naam, en die daarom naar het schijnt tot iedere schelmerij bereid worden geacht, zal dunkt mij niet algemeen voetstoots als juist worden aanvaard.

Niettegenstaande de door de Commissie geopperde bedenkingen heeft dan ook de Minister in zijn antwoord gemeend, met nadruk het ontwerp op dit punt te moeten Jiandhaven. Eli de hoop schijnt mij niet ongegrond, dat het hem zal gelukken bij de aanstaande beraadslagingen de meerderheid deiKamers van de juistheid zijner opvatting te overtuigen.

Ook de weglating van het tegenwoordig art. 1934, betreffende het getuigenbewijs daar waar een schriftelijk bewijsstuk bestaat, bleef niet zonder tegenspraak, hoezeer deze zich hier niet zoo krachtig uitte als ten aanzien van art. 1933, en de meerderheid der Commissie van Voorbereiding zich er voor verklaarde. Eene minderheid in de Commissie daarentegen achtte haar bedenkelijk. Het gaat", zegt het verslag, »huns inziens te ver mogelijk te maken dat de kracht eener akte, expresselijk opgemaakt om tot bewijs eener rechtshandeling »te dienen, worde ontzenuwd door de verklaring van één of meer getuigen omtrent het bestaan eener afwijkende afspraak. Men herinnerde aan de bepalingen van art. 1939 Burgerlijk >Wetboek, welk artikel intusschen in het ontwerp niet wordt teruggevonden." Van eenig nader aandringen dezer bedenking, of van wederlegging der in de Memorie van Toelichting bijgebrachte argumenten voor de weglating, vindt men intusschen in het verslag verder niets.

De tot nog toe besproken wetsbepalingen hadden de strekking, in verschillende gevallen het bewijs door getuigen absoluut uit te sluiten. Thans zij het mij vergund, eenige oogenblikken te verwijlen bij een andere groep bepalingen, die ten doel hebben de algeheele of voorwaardelijke uitsluiting van het hooren als getuigen van bepaalde categorieën van personen.

Sluiten