Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toe in een zoen. Het huis zou mogen worden afgebroken door de burgers, de grachten dichtgeworpen. Hij behield de afbraak, maar mocht noch op de oude plaats, noch binnen een mijl van Kampen eene vesting aanleggen ').

Was dit een speciaal Kampensch belang geweest, alle drie steden moesten weer hun hulp verleenen, om, behalve Diepenheim, slot en ambt van Vollenhove te onttrekken aan Reinoud van Brederode. De belooning was weer de gewone: de ambtman moest met hunne medewerking gekozen worden en was verplicht hun bij de aanvaarding van zijn post te bezweren, dat hij het niemand zou overgeven zonder hunne toestemming 2).

Floris van Wevelikhoven heeft de pacificatie van het platteland weer Hink aangevat; in 1380 werden nu ook de sloten Ter Eerde of van Essen (ten Z. v. Ommen), Ter Molen (ten N.O. van Hellendoorn). Garner (ten N. van Dalfsen) en het weer lastig geworden kasteel Ter Lage afgebroken ■'). Het huis Ter Eerde, waartegen Deventer en Zwolle hielpen, werd volkomen vernietigd; de heuvel, waarop het gestaan had werd geslechtJ). De kosten waren dan voor de betrokken personen zoo hoog geweest, dat zij weinig lust moesten gevoelen het werk nog eens over te doen. De Cameraarsrekeningen vermelden daarvoor in het jaar 1380 eene uitgave van ruim 1914 Men had een waarschuwend voorbeeld gehad in de tweede der genoemde burchten. 111 1375 hadden Zwolle en Deventer liet huis Ter Molen verwoest5). De eigenaar, /weder van Sculenborch, had eene schadevergoeding ontvangen ). Men was echter niet radicaal genoeg te werk gegaan: in dezelfde stadsrekeningen van Deventer, waarin het aandeel deistad in die tegemoetkoming wordt verantwoord, wordt ook al weer vermeld, hoe er van stadswege een onderzoek ingesteld werd naar „die tymineringhe, die Sweder van Sculenborch anderwerf ter Molen tymmerde" 7), een onderzoek, dat nog eenige malen herhaald werd, maar, blijkens het gebeurde in 1380, zonder veel te baten.

De tijden van Jan van Arkel schenen weer teruggekeerd; in 1381 vernieuwden de bisschop en de steden het verbond, dat zij geen van allen nieuwe sloten in Salland zouden bouwen"). Toch

1) Overjjselsche Almanak, 1838, blz. 113.

2) Over. Chron., blz. 307 vlgg. (1379); Dumbar, Deventer, II, blz. 147: herhaling der belofte aan de steden in 1451 (Ook V. Hattura, I, blz. 403).

3) Over. Chron., blz. 315 ; Ten Hoecop, blz. 401 vlgg.; Cameraarsrek., V, blz. 370 ; 300 vlg.

4) Cameraarsrek., V, blz. 381 (1381).

5) Cameraarsrek., IV, blz. 219.

^ G) lb., blz. 284. Deventer betaalde 580 u\ Ook de eigenaar van het kasteel ter Eerde, Evert van Essen, kreeg in 1380 eene geldsom, waarvan Deventer 258'tf 6/3 opbracht.

7) Ib. blz. 341.

8) Ovei. Chron., blz. 316; V. Hattum, blz. 217, (met onjuist jaartal herhaald op blz. 219).

Sluiten