Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en dus door eene dergelijke bepaling voorzien moesten worden van een toenmaals onontbeerlijk voedingsmiddel, als de visch was.

Nog slechter kon evenwel het graan gemist worden. Met groote zorg waakte Dordrecht ervoor, dat niets van het koren uit ZuidHolland hare markt ontging. Het verleende hulp bij nieuwe inpolderingen en bedong zich daarvoor het recht, dat het koren, in het nieuw gewonnen land gewassen, naar de Dordtsche markt gevoerd zou worden '). De korenstapel van Schouwen was te Zierikzee geplaatst *), die van het Land van Yoorne te Brielle 3), Weesp en Weesperkarspel moesten hun graan op de markt te Naarden brengen4). Te vergelijken met deze bepalingen zijn nog het privilege van Woudrichem, dat alle vee uit het land van Altena daar eerst te koop moest worden aangeboden, aleer het uitgevoerd mocht worden 5), of de keur in Dordrecht gemaakt in 1442, dat alle zuivel uit Zuid-Holland in deze stad ter markt komen moest6).

Werd in deze gevallen de handelsstand flink gesteund door den stadsmagistraat, omdat een geregelde aanvoer van levensmiddelen voor de geheele burgerij eene levensvoorwaarde was, ook dan vonden de neringdoenden bij haar een open oor en eene krachtige voorspraak bij den vorst, wanneer zij een monopolie wenschten voor een artikel, dat aanzienlijke baten aan de stadskas leverde. Evenals tegenwoordig het staatsbudget, dreef toen ook reeds het stedelijk budget grootendeels op den drankaccijns en wel voornamelijk op de bierbelasting7), in mindere mate op de wijnrechten.

Het meest treden dus op den voorgrond de pogingen om te zor-

II, blz. 279. Verder het opstel van Prof. R. Fruin, De aanspraak van Gorcum op de vissckerij in de Merwede: Verspr. Geschr., VI, blz. 93 vlgg. Woudricliem krijgt den stapel van haren heer Jacob van Hoorn, 1476: Kemp, blz. 368.

1) Voor het nieuwe land in Rijderambacht: Van de Wall, II, blz. 540 vlg.; voor Mijnsheerenland van Moerkerken: lb., blz. 540 (1442); voor het nieuwe land van Strijen : lb. II, blz. 519 (1432). Bij dit laatste contract wordt evenwel niet gesproken van hulp bij de dijkage. Het was anders meer bindend dan de overige; zoo moest bijv. het land uitsluitend voor den graanbouw gebezigd worden. De overeenkomst vernietigd door het Hof v. Holland, 1469 : lb. III, blz. 643 vlg.

2) Van Mieris, IV, blz. 827 (1425 26).

3) Oude keuren der St. Brielle (O. Yad. Rechtsbr., II-), blz. 178.

4) Boerg. Chs., 48 (1438). De stad toonde zich weinig liberaal tegenover deze graanleveranciers en weigerde zelfs koren aan hen te verkoopen.

5) Kemp, II, blz. 368 (1476).

6) Oudste keuren van Dordrecht, n". 63 in De Oudste Rechten der St. Dordrecht, ed. J. A. Fruin (O. Vad. Rechtsbr., I1), I, blz. 282. In 1410 was ook bevolen, dat „alle voghelen, die bynnen Zuythollant ghevanghen worden", ten verkoop gevoerd zouden worden naar de stedelijke markt: lb. n". 55. blz. 278 vlg.

7) Hoeveel daarvan gedronken werd blijkt uit dit voorbeeld: In Middelburg werd in 1484 voor minstens 13.920 vaten Hollandsoh bier accijns betaald: A. M. Kesteloo, Rek. v. Middelburg, Archief v. h. Zeeuwsch Gen., VI, blz. 50.

Sluiten