Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Liever zou men kortweg bevolen hebben om slechts steen en pannen te gebruiken, maar een dergelijk voorschrift zou te bezwarend geworden zijn voor arme burgers '). Toch kwam men dezen zooveel mogelijk tegemoet door dengene, die een nieuw huis bouwde, öf voor de steenen en de pannen, ook wel leien, öf alleen voor de laatste een premie te schenken. Deze werd berekend naar de duizend steenen of pannen, die verwerkt werden, ook wel naar de vierkante roede „hard dak", die men aanbrachtJ). Ook werd door dergelijke bepalingen het vervangen van riet door pannen en in Utrecht en Leiden zelfs dat van pannen door leien, aangemoedigd.

Als regel schijnt men in deze stad zelfs aangenomen te hebben, dat de stad iemand, die een huis zette, dien eersten keer een leien of een pannenbedekking ten geschenke gaf 3). In Arnhem daarentegen ontving de bouwheer maar de derde pan van stadswege4). Was de ondersteuning van overheidswege groot genoeg, dan kon men ook

1) In 1464 werd in Amersfoort door den raad geboden de huizen met „hard'' dak te dekken en die met „week" dak te voorzien van een nieuw „hard" dak. Reeds het volgende jaar werd deze keur beperkt tot huizen van twee verdiepingen, dus feitelijk bijna geheel weer ingetrokken : 1b., blz. 55.

2) In Leiden voor elke roede hard dak één *8 „payments" (1444): Leidsche Keurb., blz. 474. In 1447 en 1450 voor elke roede hard dak ter vervanging van riet 24 f3.: Ib., blz. 137, 144. In 1462 zelfs voor iedere roede leidak 48 (3 en voor iedere roede leidak in de plaats van pannen 36 (3.: lb., blz. 150. In 1500 werd de premie voor pannen, die voor riet in de plaats kwamen, verlaagd tot 15 (3, terwijl die voor lei, dat riet verving, bleef 48 (3: Ib., blz. 272. Toen kwam reeds meer op den voorgrond het doel, om de stad een netter aanzien te geven. In Delft ongeveer als in Leiden 1 tb" Holl. per roede hard dak : Keuren en Ordonn., blz. 116 vlg. Desgelijks Rotterdam: Informaoie, blz. 463. Harderwijk per roede leidak 3R.Gld., pannen dak 31 , lichte gld. „stekelsse tegelen" 3 lichte gld. Maar dan moet men een huis maken met steenen voor- en achtergevel, 18 voet hoog, 1"2 steen dik en 16 voet breed. Dan krijgt men tevens als gevelgeld 4 lichte gld. Maakt men den gevel maar 12 voet breed, dan krijgt men maar de halve tegemoetkoming; en houdt men zich aan dit voorschrift in het geheel niet, niets, tenzij men een gevel timmert 16 voet hoog en „mit vlogelen" van 10 voet breed. In dit geval krijgt men vol gevel- en pannengeld. Voor een huis met een verdieping 6 gld. gevelgeld: Rechtsbr. v. H., blz. 26 vlg. In Tiel: 17', st. per roede hard dak: Rechtsbr. v. T., blz. 40 vlg. In Gouda voor leidak 2 R. G. per roede (=2 'tl' 13 (3 4 2 Holl.): Inform. blz. 376 vlg. In Dordrecht 20 st., tegeldak 10 st. per roede, Ib., blz. 514 In Utrecht voor 1000 pannen 2 schilden, voor een roede leidak 3 schilden (1368), ook als dit laatste diende ter vervanging van pannen (1371). In dit geval moest men evenwel de pannen aan de stad geven. Later werd bepaald, dat men de pannen zou mogen houden, als men afzag van de vergoeding voor het leidak (1402). Al deze bepalingen bijeen bij Matthaeus, de Nobilitate, IV, p. 1146 vlg. In Kampen twee „gulden heren pont'' per 1000 pannen (begin 14i!= eeuw): Gulden Boeok, blz. 112.

3) Ook in Zutphen, maar dan moest men alle vier de wanden van steen bouwen : Reohtsbr. v. Z., blz. 23 (1357). In 1365 werd bepaald, dat slechts de twee gevels van steen moesten zijn : Ib., blz. 31.

4) Staats Evers, Kroniek van Arnhem, blz. 16. Evenzoo in Amersfoort: Rechtsbr. der kl. st. v. h. Nedorsticht, I, blz. 175.

Sluiten