Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BESLUIT.

Een slotwoord kan eigenlijk overbodig zijn na deze beschouwingen. Nergens hebben wij het standpunt behoeven te verlaten, waarop wij ons in den aanvang geplaatst hebben. Uitbreiding en afronding van gebied, totdat dit in zich bevatte de middelen, waardoor de enkele burger en de burgerij behoorlijk konden bestaan, was het einddoel der stedelijke politiek. Een verrassende ontdekking is het niet dit op te merken; men ziet slechts aan den dag komen de gevolgen van een natuurlijken en zeer begrijpelijken aandrang; een soortgelijke behoefte, als de middeleeuwsche steden gevoelden, drijft nu de staten tot eene koloniale staatkunde, wier verloop de wereld in een veel meer zichtbare beroering brengt. Maar interessant is in al die kleine gebeurtenissen, die de middeleeuwsche stedengeschiedenis vormen, dat in de stad voor het eerst tot een bewust streven werd, wat anderen deelen der bevolking en hunnen vertegenwoordigers eerst veel later klaar voor oogen begon te staan als gemeenschappelijk doel van hun oeconomisch willen. En te zien, hoe zulk een mikrokosmos te midden van tegenwerkende machten alleen door eigen kracht de plaats wist te verwerven, die hij wenscht, geeft den beschouwer de voldoening, die het welslagen van elk moeilijk pogen verschaft, en schenkt een duidelijker blik in de toenmalige maatschappij. Want de waarheid valt niet te loochenen van wat G. Schmoller eens schreef, dat in een groot deel der oudheid en in de middeleeuwen waren „alle vollendeten staatlichen Gebilde Stadtstaaten, in welchen Staats- und \ olkswirtschaft, wirtschaftlicher Lokalegoïsmus und politisclier Patriotismus, staatliche und wirtschaftliche Machtkiimpfe zusammenfallen" ').

1) Umrisae und Untersucbungen zur Verfassungs-, Verwaltungs- und Wirtschaftsgescliiohte, bes. des preussiaoben Staates im 17™ und IKen Jahrliundert (1895).

Sluiten