Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en als vriend, voor den eenvoudigen U onbekenden student steeds zijt geweest en gebleven tot op den dag van heden; wél wil ik U dit voorzeggen, dat ik in mijn professoraal leven steeds in dank aan U zal genieten van wat aan wetenschappelijke kracht, aan onovertrefbare methode van onderwijs, aan bewonderenswaardig inzicht in de verlangens van het studentenhart, van U, den leermeester, in mij, den leerling, zal zijn overgegaan.

„De wetenschap, inzonderheid van den staat, komt voort uit en keert weer terug tot het leven." In die woorden, teekenend het innige verband tusschen staatsleer en staatsleven, Prof. De Hartog, gaaft gij uitgangspunt en leidende gedachte voor de beoefening van het staatsrecht, waarin gij bijna dertig jaren lang Uwe leerlingen wist te boeien en Amstels Hoogeschool van hare geboorte af tot zoo hooge eer zijt geweest. Ik was Uw leerling niet; mag ik niettemin die gulden les van U overnemen en voortdragen, opdat ook mijn onderwijs de klip ontga en doe vermijden, waar onder het blinkend schuim van uiterlijke geleerdheid de kennis der werkelijkheid te gronde gaat. Dat ik daarbij op den steun Uwer hooge geleerdheid en rijpe ondervinding mag rekenen, hebt gij mij reeds toegezegd; dat ik nog lang die hulp mag inroepen, wensch ik U, en ook mijzelf, van harte toe.

In Uw midden, Collega's der Rechtsgeleerde Facidteit, treed ik van heden af als vormelijk gelijkwaardige; dat het wezen eens aan den vorm zal beantwoorden,

Sluiten