is toegevoegd aan uw favorieten.

Het vasten bij Israël

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de gelijkenis van den Farizeër en den tollenaar roemt de eerste o. a.: ,.Ik vast tweemaal per week", Luc. 18 : 12. In de gemeente te Antiochië werd door profeten en leeraars gevast, Hand. 13 : lv.; 14 : 23. Behalve deze komen in het N. T. nog eenige minder belangrijke teksten voor, waarin van vasten melding wordt gemaakt.

In den brief van Barnahas (lifst. 3) wordt met behulp van •les. 58 bet verschil tussclien Joodsclie en Christelijke vasten uiteengezet. Op soortgelijke wijze wordt ook in den Herder van Herwas (Gel. 5 : 1 vg.. 5 : 3; Gez. 3 : 10) bet vasten vergeestelijkt. In de in 1897 te Behnesa gevonden ..Logia Jesu zegt .Jezus o. ni. : ,.Tenzij gij de wereld vast. zult gij bet Koninkrijk Gods niet vinden, enz. In gelijken geest noemt ( lemens Alexandrinus ,.liet vasten in t algemeen onthouding van alle kwaad", Strom. VI : 12 : 102, en spreekt zalig hen, die de wereld vasten, ibid. III : 16 : 99.

Naast al deze gegevens, waaruit bij nader onderzoek de beteekenis van bet vasten moet worden afgeleid, staat ons een rijke overvloed van teksten uit de Rabbijnsche letterkunde ten dienste. Wij kunnen er niet aan denken ook deze hier uit te schrijven. Maar dit is bovendien geheel overbodig. Want terwijl de boven aangehaalde plaatsen voor het meerendeel voorbeelden zijn, waarin het vasten lang niet altijd denzelfden zin zal blijken te hebben, en die deswege afzonderlijke bespreking vereischen, zijn de teksten over vasten in Mischna en Tosefta vooral van zuiver formeelen aard. Hier vinden wij nagenoeg niet anders dan bepalingen over vasten, dat in al die gegevens vrijwel dezelfde beteekenis heeft. De voornaamste bronnen voor deze soort getuigenissen, die in hoofdzaak verwerkt zullen worden bij de bespreking der vastentijden, zijn: het Tosefta- zoowel als het Mischnatractaat Taanith en de Megillat Taanith, d. i. de vastenrol. Bovendien bevatten de bab. en de jer. Gemara