Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onwaarschijnlijk, dat David. de vrome Jahwe-dienaar, den eersten stoot in die richting heeft gegeven. Hoe dit evenwel zij, in elk geval is in 2 Sam. 12 : 15v. vertegenwoordigd een ouder zoowel als een jonger standpunt, zoodat hier gesproken mag worden van wat Schwally noemde „DiscrePanz zweier Zeitalter."

I It Sam. 12 : 15v. is dus gebleken met betrekking tot het bij de dienaren van David bekende vasten, d. i. met betrekking tot het vasten na een sterfgeval, gelijk daarvan voorbeelden zijn 1 Sam. 31 : 13; 2 Sam. 1 : 12; 3 : 35, dat:

1. liet vasten na een sterfgeval een oudere gewoonte is dan de door David voorgestane handelwijze,

2. dat ,1e eigenlijke reden voor het vasten bij het intreden van den dood, den auteur van 2 Sam. 12 waarschijnlijk onbekend was en dat die althans niet gelijk was aan de door David genoemde, nl. een middel om Jahwe gunstig te stemmen.

"Van deze twee gevolgtrekkingen wordt de eerste aanbevolen door het feit, dat de voorbeelden van vasten na een sterfgeval ouder zijn dan o. m. 2 Sam. 12, zoodat wij op het rechte spoor zijn, zoo wij de oudste reden voor vasten en a fortiori den oorsprong van het gebruik willen zoeken bij de gewoonte, in die oudere berichten gevolgd. Het tweede punt accentueert daarbij de mogelijkheid, dat het vasten na een sterfgeval niet Jahwe gegolden heeft.

Het is evenwel raadzaam deze besluiten niet dadelijk toe te passen op de voorkomende gegevens: liever beschouwen wij deze achtereenvolgens eerst nader, om te zien, wat zij zelf ons leeren.

1 Sam. 31 : 8v. Saul en zijne zonen zijn gevallen op den Gilboa. Na de lijken uitgeschud te hebben, hechten de Filistijnen den romp van Saul en die zijner zonen aan den muur van Bethsean. Nauwelijks vernemen dit de inwoners van

Sluiten