Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Opmerkelijk is ps. 35 : 13: ,,Toen zij ziek waren, droeg ik het rouwkleed en verootmoedigde mij in vasten." Dat men bidt en vast voor vrienden komt meer voor en is minder opmerkelijk. Alle Joden in Sjusjan vasten ten Viehoeve van Ester, 4 : 16. In de Tosefta lezen wij, Taan. 3 : 3, vg. Taan. 10b: ,,\Vie vast ten bate van een zieke en hij wordt gezond; [wie vast] naar aanleiding van lijden, en dit gaat voorbij, hij zal zijn vasten ten einde toe volbrengen." Doch in ps. 35 : 13 wordt niet ten bate van vrienden, maar van vijanden gevast. Dit herinnert ons niet sleelits aan het: ,,hebt uwe vijanden liet en bidt voor degenen, die u geweld aandoen" van Mattli. 5:41. vg. Luc. 6 : 28, maar ook aan Didache 1 : 3, waar staat: ,.Vast voor degenen, die u vervolgen."

Hiermede kunnen wij afstappen van het vasten in de psalmen, om nog een enkel woord te zeggen over Dan. 9 : 3; 10 : 2v.

In Dan. 1:8 vinden wij de mededeeling, dat Daniël zich voorneemt, zich niet te verontreinigen aan de spijzen en den wijn van de koninklijke tafel. Dit is evenwel geen vasten, vg. Est. (LXX) 14 : 28; Tob. 1 : 11; Jud. 12 : 2.

Dan. 2: 17, (alleen in den) Griekschen tekst, lezen wij; y.x) TrxrjyyiiAS (Daniël) vyrTsixv y.x) §£Sf7iv v.x\ rtpaplxv Xv'woli irxpx rcv xvpisu x. 7. /,.,en wel nadat hij gehoord heeft van den droom van Nebukadnesar en uitstel van liet doodvonnis beeft gevraagd, om weldra den uitleg van 's konings droom te geven. En aan Daniël werd ,,in een nachtgezicht het geheim geopenbaard", vs. 18.

Dan. 9 : 3. Daniël vestigt zijn aandacht op het in Jeremia aangegeven aantal jaren, gedurende welke Jerusalem in puin zou liggen. ,,Ik wendde mijn gelaat tot den Heer God, om in vasten (cixa LXX iv v/i<TTsixte), rouwkleed en asch, gebed en smeeking uit te storten," zoo Daniël, waarop hij belijdenis van schuld doet. En nadat hij zijn gebed om herstel van

Sluiten