Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ting der onthouding als een verdienstelijk werk beschouwde. Was van de Ballingschap af het vasten teeken van verootmoediging. hier valt alle nadruk op het teeken, terwijl van de stemming, waaraan het uitdrukking moest geven, niets blijkt.

Geheel anders is het standpunt van .Jezus. Te recht is opgemerkt J), dat hij het vasten niet afkeurt. „Maar gij, wanneer gij vast, zalf uw hoofd en wasch uw aangezicht enz.", vs. 17 is duidelijk. Wie vast, toone dit niet de menschen. Het vasten is een godsdienstige handeling, is iets tusschen den menscli en God. Niet de nauwgezette betrachting van gebruiken, gewoonlijk met vasten gepaard gaande, hebben waarde voor God. Deze zijn Hem onverschillig. Niet het teeken, maar de gezindheid heeft waarde voor God. Ook het vasten heeft slechts dan beteekenis, wanneer het uitdrukking is van liefde tot God. ])e Farizeën, die vasten met uiterlijk vertoon en gewicht leggen op onthouding op zich zelf. hebben hun loon weg. Den vromen, wier vasten wezenlijk verootmoediging is, zal de Vader het vergelden, vg. Test. 12 Patr. 11 : 3, 9, 10. Leggen de Farizeën allen nadruk op het teeken, de onthouding, Jezus wil vóór alles de gezindheid. Al keurt hij het vasten niet af, veel gewicht hecht hij er niet aan. Hier moge dit niet zoo duidelijk uitkomen, de volgende tekst getuigt duidelijker.

Matth. 9:14 (Mare. 2 : 18v.; Luc. 5 : 33v.) 2Ï luidt: „Toen kwamen tot hem de leerlingen van Johannes en zeiden: Waarom vasten wij en de Farizeën veel, maar vasten uwe leerlingen niet? En Jezus zeide tot hen: kunnen wel de bruiloftsgezellen treuren'^:^^; Mare. vijittsvsiv ; Luc.

E. Schürer, Gesch. d. J. V. II3 1898, S. 490 Anra. s) De parallelle plaatsen zijn in hoofdzaak met Matth. 9 : 14v. gelijkluidend.

Sluiten