Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

miseh geworden zu sein scheint." 1) Niets is minder waar dan dit. De uitdrukking stamt veeleer uit liet Oosten, arx-rim en statio is eenvoudig letterlijke vertaling van Hieruit

volgt onmiddellijk, dat alle vasten op Maandag en Donderdag bij de Joden in oorsprong gemeentevasten zijn. En hiermede stemt overeen, dat deze onthouding èn door Joden, èn door Christenen vrij algemeen in acht genomen is. Hoe het komt. dat niet allen, maar toch zeer velen zich bepaalde dagen in de week onthouding oplegden, zal aanstonds duidelijk worden.

Ter bevestiging van het gestelde moet gewezen worden op T. Taan. 2 : 3, 4. Deze tekst luidt in zijn geheel: (3) „Zij, die dienst doen, mogen [geen wijn drinken] noch des daags, noch des nachts, omdat zij voortdurend in dienst zijn; den wachtliebbenden en de gemeentelijke vertegenwoordiging (anschë maamad) is verboden zich te scheren en kleederen te wasschen, zoowel na de verwoesting van liet heiligdom als toen het nog niet in puin lag; R. Josë zegt: na de verwoesting is het geoorloofd, omdat zij dan in rouw zijn. (4) Op den 2den en 5den dag houdt de enkeling gemeentevasten (H3S"S ;v:yro ats'V Tri')» op deze dagen houden de gerechtshoven in de steden zitting, zet men zich in de synagogen om te lezen, en op die dagen heeft men de lezing der Esterrol bepaald. enz."

Naar wij meenen bestaat er tusschen de verzen 3 en 4 innig verband. Te recht zou men kunnen opmerken, dat in de Tosefta. zoowel als in de Mischna dikwijls zonder overgang in twee opeenvolgende verzen geheel verschillende onderwerpen worden besproken. Dil zou ook hier het geval kunnen zijn. Maar indien men vs. 4 afzonderlijk tracht te verstaan, staat men voor moeilijkheden. Daar de bedoeling is, dat de rechtszittingen, alsmede de samenkomsten in de

') ïïerzog's Realencyclopadie, art. Fasten in die Kirche, S. 771.

Sluiten