Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

teekening door den leener bij wijze van rei^u; de terugontvangst en bevinding in goeden staat werd door den archivaris in 't register vermeld en onderteekend (art. 15).

Wie was toegelaten „om in het algemeen belang geschiedkun„kundige nasporingen te doen", mocht „in dat belang" ook afschriften van en uittreksels uit de stukken vervaardigen en, na toestemming van Gedeputeerde Staten, deze publiceeren. Deze toestemming zou slechts worden verleend onder voorbehoud voor 't provinciaal bestuur van 't recht om de stukken „ander„maal te doen drukken" en onder verplichting van den aanvrager om zich verantwoordelijk te stellen voor 't door hem uit te gevene (art. 16).

„De stukken, welke niet geschikt zyn om licht over de geschiedenis te verspreiden, doch welker inhoud van belang kan „zijn voor eenigen tak van administratie of wel voor byzondere „personen" mochten „ook" op het archief zelf slechts ter inzage of ten gebruike worden gegeven aan „hen die kunnen bewyzen, „daartoe gerechtigd te zijn." Achtte de archivaris afgifte ter inzage enz. „niet raadzaam," dan verwees hij den aanvrager weder naar Gedeputeerde Staten (art. 18).

Ter handhaving van 't voorgeschrevene moesten zij, die 't archief wenschten te gebruiken, van te voren teekenen in een register, waarin de bovenvermelde artikelen der instructie waren afgeschreven, met eene verklaring, dat zij zich aan die voorschriften onderwierpen; dit register werd tevens gebruikt voor de genoemde uitleening van stukken (art. 17).

Afschriften van of uittreksels uit stukken zou de archivaris slechts afgeven na machtiging van den commissaris of Gedeputeerde Staten; deze afschriften en uittreksels zou hij authentiseeren. Een schrijfloon van '20 cents per folio bladzijde was verschuldigd, behalve voor de afschriften enz. gevorderd door 't rijk (via den minister van binnenlandsche zaken) en 't provinciaal bestuur en in gevallen, waarin Gedeputeerde Staten ten behoeve van provinciale ambtenaren of eenigen tak van administratie vrijstelling" verleenden (art. 19).

Mr. Smidt vond, toen hij zijne betrekking aanvaardde, de staten-archieven op den zolder; daarheen waren in 1857 ook nog

Sluiten