Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tusschen de schippers van Hasselt en Zwartsluis en die van Meppel, over het overschepen te Dingstede door de laatsten van personen en goederen, van Drente komende of daarvoor bestemd, 1763/5 en 1768. Met afschrift van een paar stukken d.d. 1761, en van de overeenkomst d.d. 1 Januari 1770, ter oplossing der kwestie gesloten.

1 omslag.

NB. De Overijselsche schippers verzetten zich tegen het laden en lossen te Dingstede door de Meppeler schippers, op grond dat daardoor geschonden werd de overeenkomst d.d. 16 October 1659, waarbij eene andere losplaats was aangewezen. De Meppeler schippers voerden eerst hunne bezwaren aan tegen de oude ligplaats, doch beweerden later, te Dingstede op Drentsch grondgebied te zijn. Hunne tegenpartij erkende dit, doch meende dat het water om Dingstede Overijselsch was. Van 1765—1768 rustte de zaak. Op 1 Jannari 1770 kwam eindelijk het gewenschte vergelijk tot stand.

259. Missive van Overijsel aan Drente ter begeleiding eener klacht van „de gequalificeerde goedheeren en erfgenamen" van Wanneperveen en Dingsterveen over overlast van Drentsch water door den onvoldoenden toestand van den Zomerdijk tusschen Havelte en Meppel; met een hierover op last van Drost en Gedeputeerden door den schulte van Havelte uitgebracht rapport. 1764.

1 omslag.

260. Gelijktijdige afschriften van de stukken beschreven in Inv. N°. 259. 1764.

1 omslag.

NB. Het doel van deze afschriften is niet bekend.

261. Request van de belanghebbenden in de venen en de turfschippers op 't Hoogeveen aan Drost en Gedeputeerden om hunne tusschenkomst bij de Staten van Overijsel, tot vermindering van 't verhoogde sluisgeld aan de Zwarte-sluis. 1769.

1 stuk.

262. Stukken betreffende het verzoek van Overijsel aan Drente om maatregelen te nemen, opdat de ingezetenen van Staphorst, Rouveen en de Buiten kwartieren en de participanten van de Staphorster schutsluis geen overlast ondervinden van den

Sluiten