Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

d.d. 1755 een brief van den schulte van Emmen aan den landschapssecretaris in antwoord op diens informatiën naar aanleiding der gravamina. Bij dat van 1757 een gelijksoortig bericht van een predikant aan Drost en Gedeputeerden.

Toezicht op predikanten en gemeenten.

360. „Rakende Ds. Dompselaek". — Stukken betreffende de bemoeiingen van Drost en Gedeputeerden met de klachten over het wangedrag van H. van Dompselaer, predikant te Roswinkel 1751/53.

1 dossier.

NB. Naar aanleiding van de klachten over Ds. van Dompselarr, door de synode bij Drost en Gedeputeerden ingebracht, benoemden dezen eene commissie, waaraan de Gouvernante een lid toevoegde. De predikant eindigde met het nemen van ontslag, omdat hij zich niet geheel aan de op hem toegepaste tucht wilde onderwerpen.

381. Stukken betreffende de bemoeiingen van Drost en Gedeputeerden met de klachten over de beroering in de Gereformeerde gemeente te Hoogeveen, waardoor de predikant in de uitoefening van zijn ambt werd belemmerd. 1751/57.

1 dossier

NB. De beroering, zich doorgaans uitende onder de godsdienstoefening, kwam voort uit verschil van gevoelen tusschen den predikant en zijn gemeenteleden op het stuk der bekeering.

302. „Heer van Echten". — Briefwisseling van Drost en Gedeputeerden met den heer van Echten, over wegneming der klachten, door de kerkvisitatoren over de kerkelijke zaken te Echtens-Hoogeveen ingebracht. 1761/2.

1 dossier.

363. Stukken betreffende het verbod van den drost en Drost en Gedeputeerden aan G. Verbeet, gebannen predikant van Batavia, om in Drente te prediken. 1763.

1 dossier.

NB. G. Verbeet, wegens „atroce injurie" gebannen, beriep zich hierop, dat geene kerkelijke censuur over hem was uitgesproken.

364. Stukken betreffende de bemoeiingen van Drost ei! Gedeputeerden, opdat niet de vrede, door gecommitteerden uit de

Sluiten