Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

168

omtrent de vereffening met de compagnieën ter repartitie van Drente van de hun toekomende gelden over Mei/Juli 1672.1679

1 deel.

522. ,An de hr. cheurvorst van Brandenborch." — Afschriften van verzoeken dd. 1685 en 1686 van den commies ten kantore van den ontvanger-generaal der Unie aan Drost en Gedeputeerden om betaling van Drente's quote in het aan den keurvorst van Brandenborg volgens tractaat verschuldigde. (1686?).

1 dossier.

N.B. Deze afschriften, ter secretarie van Drente vervaardigd, zijn waarschijnlijk gemaakt in verband met de moeilijkheid om' betaling dezer gelden van Drente te verkrijgen (vgl. het request van den commies Hoppinck in Inv. N°. 542).

533. Aanmaningen van den ontvanger-generaal der Unie en den commies ten zijnen kantore om betaling van Drente's quote in de verbetering van den Rijn en de IJsel, het leggen van een dijk in 't Slaak en de legerlasten. 1687/9.

1 bundel.

324. Briefwisseling van Drost en Gedeputeerden en den landschapssecretaris met den overste G. C. von Linstow, betreffende de vervulling van vacante officiersplaatsen in en de betaling der soldij aan zijn regiment. 1689/1698.

1 portefeuille.

525. „ Brieven van den Raadt (van State), rakende de af„betalinge en reductie der militie." 13 Juli — 5 September 1713.

1 bundel.

52G. „Praetensiën van den koning van Pruissen ten laste „van de respective provinciën en het lantschap Drenthe." — Brief van de Staten-Generaal aan Drente verzoekende —, onder toezending van berekeningen van den Raad van State, — betaling van hetgeen de koning van Pruisen te vorderen heeft aan achterstallen van door hem geleverde troepen. Met enkele ter secretarie van Drente gemaakte uittreksels hierop betrekkelijk. 1715.

1 dossier.

NB. Hierbij een uittreksel, in 1717 vervaardigd, uit 't protocol der ongereparteerde oorlogslasten betreffende de betalingen aan

den koning van Pruisen over 1702 (en 1705).

Sluiten