Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedeeltelijk goedgekeurd door de nationale rekenkamer. (1800?).

1 portefeuille.

NB. De door de nationale rekenkamer geliquideerde staten met declaratiën zijn goedgekeurd op 15 Aug. en 20 Oct. 1800. De andere staten zijn niet gedagteekend.

De op 15 Aug. goedgekeurde is weergekeerd bij extract-besluit van den agent van financiën d. d. 21 Aug. d. a. v. (notulen Commissie van i inancie d.d. 9 Sept. 1800). De andere wordt niet genoemd in de notulen der Commissie tot 25 Nov. 1800.

Zie de noot bij Inv. N®. 889.

Bij publicatie van het Uitv. Bewind d.d. 29 Oct. 1799 werd uitgeschreven een 5de termijn van de heffing van 4 °/0 van de bezittingen, welke '/, van het vorig bedrag en dus 1 °/0 zou bedragen. Vandaar de oude titel.

894. Kwijtingen, met de daarvan opgemaakte lijsten, overgelegd aan de commissie tot onderzoek naar de richtige opbrengst der heffingen van 5 en 10 % van de inkomsten en van 4 en 1 % van de bezittingen, uitgeschreven bij publicatiën van het Uitvoerend Bewind d.d 30 November 1798 en 29 October 1799 1798—1800.

1 portefeuille.

895. Register der kwijtingen, overgelegd aan de commissie in den 3den ring van het departement Overijsel tot onderzoek naar de richtige opbrengst der heffingen van 5 en 10 % van de inkomsten en 4 en 1 % van de bezittingen, uitgeschreven bij publicatiën van het Uitvoerend Bewind d.d. 30 November 1798 en 29 October 1799. (1800?).

1 stuk.

896. „N°. 43. Staat van kosten rakende de 5 pet. der „inkomsten", met bijbehoorende stukken, opgemaakt door (de Commissie van Financie?); met de daarbij behoorende bij de Commissie ingediende declaratiën der ontvangers. (1801?).

1 dossier.

897. Staat van het bedrag der boeten, „op authorisatie van „de commissie van onderzoek ten landscomptoire" ontvangen in de heffingen van 8% en 5 en 10% van de inkomstenen van

Sluiten