Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1053. Minuteel request van Drente aan den Raad van State om verlichting van contributie. Met nota's van verbetering. 1616.

1 omslag.

NB. In het request zijn wijzigingen aangebracht naar de nota van jr. Roblof van Echten.

1054. „Stuckende (sic) raekende de questie tusschen de lantschap „Drente ende Harmen Geers arfgenamen, aengaende de restitutie „van den L00e" penni(nc)k — „Stucken raekende de questie „tusschen d'erffgenaemen van den ontfanger Hermen Geerts ter „eenre ende Drost ende Gedeputeerde der landtsohap Drenthe ter „andere syden, noepende den eisch oever restitutie van den „hondersten penninck, die sij pretendeeren, dat hun gedaen „behoere te werden. 88." 1620/3. Met retroacta d.d. 1585-1617.

3 portefeuilles.

NB. De erfgenamen van den ontvanger der contributiën H. Gerrijsenn beweerden recht te hebben op restitutie van den 100ste" penning, als door hem bij zijne betaling van soldijen gekort, ten laste der betrokken compagnieën, en door hem ingevolge sententie van de Staten-Generaal dd. 1 Mei 1620 aan Drente uitgekeerd, en op restitutie van reiskosten; terwijl Drost en Gedeputeerden vermoedden, dat H. Gkkrijsenn meer geïnd had, dan verantwoord werd. In verband daarmede trachtte Drente's bestuur over 't geheele landschap „te doen collecteeren alle de „quitantiën, die den ontfanger Herman Gekrts bij sijnen levende „an de carspelen van haere gedaene betaelinge gegeven heeft", opdat blijken zou of 't vermoeden van Drost en Gedeputeerden waarheid bevatte.

Aanwezig zijn:

a. eene (minuteele of verzonden en terugontvangen) casus-positie van 't geschil, met bijbehoorende stukken gezonden aan Drente's agent in 's Gravenhage A. van Berlicom, opdat deze Drente's rechten voor de generaliteit kon verdedigen;

b. stukken waarvan 't niet zeker is, of ze aan den agent zijn verzonden geweest;

c. een opdracht dd. 5 Mei 1603 aan H, G. om voor Drente op te nemen een som van 2000 car. gld.;

d. eenige brieven, over 't geschil, van de erfgenamen van H.G. aan den landschapssecretaris H. Weijnichman en den gedeputeerde R. van Echten tot Echten ;

Sluiten