Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Frederick. van Blanckenhkim in dato den 16 Septemb 1412", gewaarmerkt door den landschrijver J. Schickhart en den landschapssecretaris J. Struuck in 1635;

2. het plakkaat op de jacht d.d. 24 Mei 1608;

3. het plakkaat „opte opruiminge van de waeterstroemen" d.d. 24 Mei 1608;

4. het plakkaat „op seeckere ecclesiastique abusen'' d.d. 28 October 1608;

5. het plakkaat „opte afFschaffinge van de eicken dixelboemen, „eicken coeclaven ende swepestocken" d.d. 16 Februari 1609;

6. het plakkaat „opte heerloese soldaeten ende uutheemsche „stercke bedelaers" d.d. 25 Juni 1612;

7. het nader plakkaat op de jacht en de visscherij en bepaaldelijk „opt affschaffen van de legerhonden" d.d. 20 Mei 1613;

8. het nader plakkaat „opte ecclesiastique abuisen" d.d. 3 Februari 1614. 1635.

1 deel.

NB. Het afschrift is van de hand van Hexrick Weijnichma*, klerk ter landschapssecretarie. Wellicht werd alles in hetzelfde jaar (1635) afgeschreven.

Bij artikel 40 Boek II van't landrechtde bijvoeging. „Dije fijkansije «begijnt drije dage vor Pijnxster (ende duert tot) drije dage nae „Pijnxster", van eene hand, die voor in het boek schreef: „Anno ,1661, het fijmtal van Karst (Hansien ?) (Rofs ?) het darde part „an wijnterroge, 6 fijme 7 gast 3 garfen, an somerroge 6 fijme *3 gast 3 garfen'. Eene andere hand schreef op de keerzijde van deze aanteekening „Egbkrt Luytgehs ende Jacob Helpe„ringh.es".

1076. Concepten voor gedeelten van het landrecht d.d. 1712. (1711?).

1 portefeuille.

NB. Het eene concept omvat slechts de eerste 23 artikelenhet tweede omvat boek I—lil.

1077. Minute van het landrecht voor Drente, vastgesteld, door Ridderschap en Eigenerfden op 22 Maart 1712. 1712.

1 deel.

1078. Het landrecht van Drente. Groningen, Catharina Zandt, 1713.

1 deel (gedrukt).

Sluiten