Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

«erve op Schonenbeecke". — Stukken betreffende het geschil tusschen de boeren van Schoonebeek en Johan en Claes ten PathüIJS over het recht van overweg langs het Padhuis. 1624.

1 dossier.

1834. „Besteek nopende het opmaecken van den dijck tusschen „Meppol ende ten Tweele, coemende tot laste van de landtschap. „Item van den dijck bij de Veenebrugge". Met de kwijtingen voor ten dezen gedane uitgaven. 1631.

1 dossier.

NB. Zie de resolutiën van Drost en Gedeputeerden genomen op de rechtdagen d.d. 28 April en 27 Mei 1631; en de rekening van den ontvanger-generaal over 1631/2 fol. 65 verso—66 verso. Onder de bijlagen tot die rekening vindt men de ordonnantiën van betaling, waarop verklaring van den landschapssecretaris, dat de ontvanger ze voldeed „ende sijn die quitantiën daervan ter „secretarie berustende".

1335. Stukken afkomstig van de door Drost en Gedeputeerden gecommitteerden tot oplossing van het geschil tusschen de aangelanden van het Oude diep en de markegenooten van Havelte over 't verbreeden van het diep ten behoeve van den afvoer der turf uit de marke van Havelte. 1766.

1 omslag.

NB. Op 22 April 1766 machtigden Ridderschap en Eigenerfden Drost en Gedeputeerden tot benoeming dezer commissie.

1336. Stukken afkomstig van de door Drost en Gedeputeerden gecommitteerden tot oplossing van hun geschil met de boer van Havelte over het plaatsen van een schutje in een noksloot bij het Adams-verlaat, het vernielen van het slot bij de stouwe in de Pijl, en het wegvoeren van het hooi op de stuwkade bij de Nijeveensche grift. 1774.

1 dossier.

NB. ^aast de gecommitteerden tot den schouw van vaart en venen benoemden Drost en Gedeputeerden den schulte van Ruinen H. Lrkenswijk en den klerk W. H. Hofstede tot oplossing van 't geschil.

Hierbij een klacht d.d. 29 Augustus 1780 van Adam Minhis aan den klerk Hofstede over het schutten zijner op de stouwe weidende schapen door de boeren van Havelte.

27

Sluiten