Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

enz., „dat er geen vrees voor gevaar kan overblijven en daarbij „tevens voor het gemak is gezorgd" ; terwijl ook verder de noodige maatregelen te dezen opzichte door hem werden genomen. Om echter geheel zeker van zijne zaak te zijn, droeg de landdrost op 4 Maart d.a.v. (N°. 1) den schuiten en gemeentebesturen op, vóór 8 Maart aan hem rapport uit te brengen omtrent het door hen verrichte. Op 9 Maart besloot de landdrost de ingekomen rapporten te seponeeren, totdat alle in zijn bezit zouden zijn; tevens nam hij naar aanleiding van het reeds vernomene de noodige beschikkingen. Op denzelfden dag deelde hij den schuiten en gemeentebesturen mede, dat de koning niet voor 11 Maart zoude komen en hij nader den te nemen weg zou mededeelen. Op 11 Maart nam de landdrost voor kennisgeving aan het rapport van den administrateur van „'s lands" vaart en venen, dat bij inspectie de wegen enz. in goede orde waren bevonden.

1581. „Aantekening van uitgaven tegen de verwagte komst „van den koning in 1808 en 1809." — Nota's van uitgaven, op bevel van den landdrost gedaan, in verband met het bezoek van den koning aan Drente, in 1808 voorgenomen en in 1809 uitge. voerd. Met daarbij behoorende kwijtingen. 1810.

1 dossier.

NB. Terwijl de koning eerst het voornemen koesterde in 1808 een bezoek te brengen aan Drente (verbaal landdrost d.d. 8 Juli

1808 N°. 1), werd dit later tot 't volgend jaar uitgesteld (verbaal landdrost d.d. 20 Augustus 1808 N°. 5). Op 27 Februari 1809 N°. 3) ontving de landdrost opnieuw bericht van het voorgenomen bezoek, dat in Maart 1809 volgde. Voor de voldoening der gemaakte onkosten wendde zich de landdrost bij brieven d.d. 22 Bloeimaand 1810 N08. 75 en 76 tot den minister van binnenlandsche zaken en den intendant van 's konings huis, onder overlegging van lijsten der onkosten.

Landbouw.

1582 Staat van den landbouw in het koninkrijk Holland, gedurende de jaren 1807 en 1808. (1809, 1810?).

2 deelen (gedrukt).

NB. De landdrost ontving deze verbalen van den minister van binnenlandsche zaken (zie b.v. verbaal landdrost d.d. 30 Januari

1809 N°. 4).

Sluiten