Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI. Archief van den Gewezen Commissaris als belast met de afdoening der bij het commissariaat nog aanhangige zaken.

NB. Bij besluit van den Souvereinen Vorst d.d. 20 April 1814 N°. 9 (regelende het in functie treden der gouverneurs) werd o. a. bepaald, dat de commissarissen hunne posten zouden blijven waarnemen tot de bijeenkomst der Staten of Gedeputeerde Staten der gewesten, ten einde de bij hen aanhangige zaken af te doen. In verband hiermede schreef de commissaris van het arrondissement Assen den plaatselijken autoriteiten op 18 Mei 1814 aan, tot zijne aftreding met hem „te willen correspondeeren over zaken „de publieke administratie betreffende, welke met het commissariaat „nog aanhangig zijn, doch over alle andere zaken direct met den „H. Gouverneur van het landschap briefwisseling te willen houden."

De Gouverneur aanvaardde zijne functie op 14 Mei 1814.

Bij besluit van den Souvereinen Vorst d.d. 6 Sept. 1814 N°. 38 werd bepaald, dat de functiën van de commissarissen nog tot het einde van het jaar zouden voortduren; en bij gelijk besluit d.d. 26 Dec. 1814 werden de commissarissen met ingang van 1 Januari 1815 ontslagen (verbaal commissaris d.d. 31 Dec. 1814). Echter werden over 16 Januari 1815—1816 Aug. 29 nog enkele zaken door den Drentschen commissaris behandeld.

1708. Minuteel verbaal van het verhandelde bij den gewezen commissaris als belast met de afdoening der bij het commissariaat nog aanhangige zaken; met bijlagen 14 Mei 1814—1816 Augustus 29.

5 portefeuilles.

NB. Het besluit van den Souvereinen Vorst d.d. 20 April 1814 N°. 9 (regelende het in functie treden der gouverneurs) werd door den commissaris behandeld op 18 Mei d.a.v. Sedert 14 Mei 1814 (datum van infunctietreding van den gouverneur van Drentej zijn de verbalen van den commissaris gemerkt met „C" (= commissaris).

Sluiten