Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

67. 1882, April 20.

Qelijk regest Dikninge N°. m.

Datum anno millesimo trecentesimo octuagesimo secundo, mensis Aprilis die vicesima.

Afschrift (17de eeuw) (Inv. N°. 639 (afd. Varia) fol. 19 verso—20).

68. 1384, November 5.

Florens van Weuelichouen bisschop te Utrecht geeft aan zij" „getruwen der lande van Drenthe" het voorrecht, dat hij noch iemand van zijnentwege een hunner mag dagen buiten Hulsfoerde of Bisscopsberge, tenzij hij eerst de zaak aangebracht, hebbe') bij de „wysheyt" of den ambtman van Drenthe; behoudens zijn recht ingeval van rechtsweigering.

Ghegeven int jaer ons Heren dusent driehondert vier ende tachtentich des Saterdages na Allen Goeds Heyligen dach.

Oorspr. (Inv. N°. 181 (afd. Privileges)). Het zegel van den bisschop is verloren.

Afschrift (Inv. N°. 182 (afd. Privileges)) in een vidimus d.d. 14 Mei 1584 (regest N°. 148).

69. 1395, Augustus 14.

Frederic van Blanckenhem bisschop te Utrecht belooft zijnen onderzaten van Drenthe het huis te Coverden te zullen inlossen, opdat hun van daar uit geen nadeel toekome, — hen te zullen houden bij hunne oude landrechten, gewoonten enz., — en hun daarenboven toe te kennen eenige voorrechten betreffende de kerkelijke rechtspraak (vgl regest N°. 44), tolvrijheid, de aanstelling van een schulte en ambtman, het stichten van sloten in Drenthe, bescherming tegen de Vryesen, handhaving der verdragen van Drenthe met naburige streken, en de heffing der precarie of bede.

Gegeven int jaer ons Heren duysent driehondert vier ende tnegentich 2) op Onser Vrouwen avonde Assumptionis.

Afschrift (Inv. N°. 183 (afd. Privileges)) in een vidimus d.d. 17 September 1561 (regest N°. 126).

Afschrift (Inv. N°. 184 (afd. Privileges)) in een vidimus d.d. 12 Juni 1614.

') „Wy en hebbent [yrst vo]rscreven".

*) Het diversorium I van bisschop Frederik van Blankenheim heeft „MCCCXCV", waarom dat jaar is aangenomen.

Sluiten