Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

94. 1498, Mei 7.

De buren van Weerdinge verklaren, dat die van Rhoswinckel „uutgesatt koters sint in onser marcke van Weerdinge", aan den landsheer en hen jaarlijks betalen van elke waar 3 oude vlaamschen, „ende dat anders gheen landt en hebben, dan daer se nu her „op sitten."

Met bezegeling door Egbert ten Dike, schulte (te Roswinkel?).

Gegeven int jaer onses Heeren duisent veerhondert en acht en t' negentich, des Maendaechs voer santé Pancreas dach.

Afschrift (17,J" eeuw) (Inv. N°. 233 (afd. Limieten)) op papier, naar een afschrift voorkomend in Inv. Dossiers N°. 1193.

Afschrift (18de eeuw) t. z. pl. op papier, naar een afschrift voorkomend in Inv. Dossiers N". 1193.

95. 1498, Augustus 8.

Frederick, bisschop te Vtrecht, markgraaf van Baden, verklaart dat, om de vijandelijkheden van Henrick zoon te Wysch te weerstaan, door hem, de gemeene ridderschap van Sallant, Twenthe, Vollenhoe, Drenthe en de heerlijkheid van de Kuenre en de gedeputeerde raadsvrienden der 3 steden Deuenter, Campen en Zwolle eene heffing in zijne landen was geheven, doch zijne landen onverbroken zullen blijven in hunne rechten en privileges en dit hun nimmer als plicht zal worden aangerekend.

Gegeven in onser stadt van Deuenter, int jair onss Heren dusent vierhondert acht ende tnegentich opten achten dach in Augusto.

Oorspr. (Inv. N°. 192 (afd. Privileges)). Het zegel van den bisschop is verloren.

95». 1502, Maart 2 ').

Johan Stuierman verklaart te hebben verkocht en voor buren van Eexte overgedragen aan Jan Huisinge een waar veenland in Extermarcke ten oosten van 't diep, in gebruik bij Gert van Vullen, „streckende van dat diep opwaerts nae Westerwoldinge„landt, gelijck ander veenen op beiden zijden." Met vermelding der bezegeling door Albert Euerdinge.

') Niet blijkt, dat Paasch- of Maria-Boodschapsstijl is aangenomen; daarom is het stuk geplaatst op 1502.

Sluiten