Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

strantiën naar de betrokken besturen, en verzoekt specifieke opgave van 't ten behoeve der vesting Groeningen afgehouwen hout.

Aldus gedaen tAntwerpen, onder den naem van zynder voirs. excellentie, den VIten dach Februario XVC tzeventich.

Oorspr. (Inv. N°. 209 (afd. Privileges)). Met onderteekening door A.

139. 1571, Februari 14.

Philips Numan, ordinaris-deurwaarder van's konings Secreeten Raad, dienstdoende met zijn vader Pompilius eersten deurwaarder bij genoemden raad, verklaart, dat die van Drenthe op 13 Februari 1570 „een styl van den hove" bij den raad hebben ingeleverd hunne „costuymen ende landtrechten," en dat hij op 's raads bevel genoemde stukken denzelfden dag ter bewaring in banden heeft gesteld van den „audiencier" dOuerloepe.

Oirconden myns hanteekens hieronder gestelt, tot Bruessele, den vierthiensten der voors. maent van Februario 1571.

Oorspr. (Inv. N°. 210 (afd. Privileges)). Met onderteekening door P. N.

140. 1573, Maart 29.

Jaerich van Botnija, drost te Couorden en van 't landschap Drenthe, oorkondt, dat hij met de 24 etten op 't lotting te Rolde „nae Paesche achte daegen anno XVC LXXIII" gewezen heeft: in 't geschil tusschen Henrick Hoffman en de buren en markegenooten van Peyse kennen wij aan H. H. als markegenoot van Roeden 't vischrecht niet verder toe dan tot den Heemdyck of de Karsloet en als markegenoot van Voxwolde niet verder dan tot den Broeckhorne „alles met gelycken touwen und an der voirs. „marcken van Roeden und Voxwoldener horne edder wal then „halffen diepe"; overeenkomstig het vergelijk d.d. 1481 des Yrydaeges in der hoechtyt van Pinxteren 1) ten tijde van Johan Stelling.

Met onderteekening door den landschrijver johan Muss van Couorden.

Oorspr. (Inv. N°. 573 (afd. Varia)). Met geschonden zegel van J. v. B. in roode was.

') Zie regest Nu. 91.

41

Sluiten