Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(I. 633 noot f), 1683/5 (I. 302 noot), 1683—1717 (I. 303), 1685 — 1712 (1. 305), 1751 (I. 308 noot), 1752 (I. 309), 1756 (I. 310 noot), 1778 (I. 577). NB. Zie ook op de Lula. Zuidlareu (Zuijdtlaren), 1591 (R. 154), 1635 (I. 368 noot), 1680/4 (I. 301), 1796 (I. 503), 1806 (T. 1740 noot a), 1808 (I. 1591 noot)\

—, kerspel, 1795 (I. 1106 noot)-, gemeente, 1812/3 (I. 1667 noot)-,

—,schulte van —, 1805 (I. 1514 noot), 1806 (I. 1471 noot), 1808 (I. 1603 noot), 1811 (I. 1694 noot);

—, ontvanger der beschreven en onbeschreven middelen te —, 1808 (I. 1589);

—, commissie v. d. gewap. burgermacht van —, z. j. (bladz. 445, * noot), 1797 (I. 1383 noot); —, raad v. discipline voor — enz.,

z. j. (bladz. 446, <* noot). Zuidyelde, markegenooten van —,

1742 (I. 226)

Zuidwolde (Zuytwolde, Zuitwolde, Zuydwolde), z. j. (I. 166 noot, 269 noot), 1601 (I. 366 noot), 1635 (I. 368 noot), 1719? (I. 907), 1765 (I. 754), 1776/8 (I. 269), 1789/92 (I. 277), 1790/2 (I. 278);

—, kerspel, 1585 (R. 149), 1773 (I. 265), 1809/10 (1. 1577 noot); —, gemeente, 1812 (I. 1695 noot),

1812/3 (I. 1667 noot); —, schuitambt, 1656 (I. 746); —,schulte van —, 1658 (I. 747), 1672 (I. 1330 noot), 1759 (I.

912), 1811 (I. 1661 noot, 1694

noot);

— ,marke van—, 1658 (I. 747); —, markegenooten {ingezetenen) van —, 1659/60 (I. 759), 1663 (I. 762), 1672 (I. 1330 noot), 1733 (I. 269 noot);

—, commissie v. d. gewap. burgermacht van — enz., z. j. (bladz. 442, •- noot);

—, burgercorps te —, 1797/9 (I. 1424);

—, raad v. discipline, voor — enz.,

(bladz. 446, (3 noot). Zuidwoldinger schipsloot, 1658/62 (I. 748).

Zuidwoldinger venen, 1659/60 (I.

759 noot), 1664 (I. 762 noot). Zuijdtlaren, zie op Zuidlaren. Zuydwolde \

Zuytwolde j zie op Zuidwolde. Zuitwolde )

Zutphen, graaf van —, 1527 (R. 103);

—,'skonings stadhouder en kapiteingeneraal van het graafschap — enz., 1568 (R. 133); —,'skonings gecommitteerde over .de gouvernementen" en krijgsoverste van het graafschap — enz., 1584 (R. 148). Zwartedijkster schans, 1704 (I.

287), 1724 (I. 306 noot). Zwartsluis (Zwarte-sluys, Zwartesluis, Swarte-sluys, Zwarteslues, Swarte-sluis, Swartesluyss, Swarte-sluiss), 1564 (R. 130), 1576 a '80 en 1593 (I. 1345 noot), 1584? a '98? (I. 1042), 1584 k '98 (I. 1049), 1585 (R. 149), 1587 a '92 (1.1044), 1594 (I. 1047), 1594 k '98 (I.

Sluiten