Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Pictorum aliquot celebrium Germanicae inferioris effigies etc. Vna cum Doctiss. Dom. Lampsonij huius artis peritissimi Elogiis. Antwerpiae. Apud Viduam Hieronymi Cock CI3.I3.LXXII.

Reeds in het Leven der gebroeders van Eyck noemt van Mander deze verzameling als zijn bron (fol. 203«): „Welcke ghedichten ten love der constige mannen / ick in onser spraeck hebbe willen hier oock bij voeghen."

Dit doet hij in de Levens der volgende schilders:

Bles [Hendrik]

fol. 219^

Bij Lampsonius n°. 14

Niet, zooals bij de anderen, in versmaat, doch in proza tusschen den tekst gevoegd.

Bosch (van Aken) [Hieronymus]

fol. 216b—217a

8-Regelig vers.

Bij Lampsonius n°. 4

Bouts [Dirk]

fol. 206b 5-Regelig vers.

Bij Lampsonius n°. 6 (n.1. in den 3en druk. In de voorgaande drukken stond het onderschrift onder n". 5, het portret van Bernard d'Orley).

Breughel (de Oude) [Pieter]

fol. 234a 8-Regelig vers.

Bij Lampsonius n°. 19.

van Cleve [Joos]

fol. 227a 5-Regelig vers.

Sluiten