Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

* „Eenen Jonghen Faunus met Fauna." Bij Rudolf II te Weenen.

* „Een Piëta oft noodt Godts." „Bij den Heere Fouchers van Ausborgh "

„ Daer Christus van den Cruyce ghedaen ligt voor Maria." Op den achtergrond de graflegging.

Penteekeningen op geprepareerde olieverfdoeken („want hoe groot de Pergamenten waren / sy vielen hem nae zijn groot voornemen en gheest noch veel te cleen.")

* „Een naeckt Vrouwenbeeldt." Bij Francisco Badens te Amsterdam. „Na der handt creegh hem den Keyser."

Naakte vrouw en lachende satyr.

* „Naeckte liggende Venus." Eveneens voor Badens.

^ enus en Cupido om een weddingschap bloemen lezende. Peristera, Venus willende helpen, wordt door Cupido in een duif veranderd.

Iets dergs. Veiling Adr. v. Adrichem v. Dorp, 21 October 1750, Haarlem n°. 2.

Een groot stuk: „lek er geen begin af hebbe ghesien." Goltzius liet niet gaarne onvoltooiden arbeid zien.

[fol. 258a]. Portret van Christoffel Schwartz. Te München 1591 gedaan (zie bldz. 148).

Graveerwerk.

* „Zijnen grooten Hercules." B. 143.

* „Zittende Hercules" te Napels „in 't Paleys van den onder-Coningh " nageschilderd.

* Naar schilder ij en van Adriaan de Weerdt, die van Mander zich herinnert omstreeks 1580 te Brugge gezien te hebben. *)

* „Historikens van Lucretia." Terzelfder tijd en plaatse gezien. „Die hij selfs gheinuenteert en gesneden hadde." B. 104—107.

* „Een Bancket." B. 104.

* „t Hemelsche bancket van Sprangher." B. 277 (Ook fol. 274a vermeld).

') Hymans II p. 189, n. 1.

Sluiten