Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staangeld te innen van de kramen en tafels, die de (jaar?)markt te Ruinen bezoeken. Oct. 1778.

1 omslag.

b. Collatierecht.

21. Missive van den stadhouder van Drente enz. Wilhelm Ludwig graaf te Nassau aan den heer van Ruinen Henrick van Munster, verzoekende inleiding van Johannes Christianus, door hem beroepen tot predikant van Blijdpnstein en voorloopig ook van Coecange 28 November 1599.

1 stuk.

22. Antwoord van den stadhouder van Drente enz. Wilhelm Ludwig graaf te Nassa cr aan den heer van Ruinen Henrick van Munster, betoogende dat het collatierecht in de heerlijkheid aan Drente toekomt als opvolgster van het klooster te Dikninge; dat dit in geenen deele praejudicieert op het ressort der heerlijkheid; en dat hij daarom verzoekt den door hem te Ruinen beroepen Adolfus Besten „sonder vertreck in den kerckendienst aldaer" te stellen. 30 November 1599.

1 omslag.

NB. Hierbij een protest namens den pastoor van Ruinen Stephen Sasse, dat hij bereid is de pastorie te ruimen voor Aleff van Besten, doch alleen op bevel van den heer van Ruinen.

Adolfus Bestek werd reeds in 1600 te Ruinen opgevolgd door Henkicds Bokelman (zie N°. 23 en Romein, Herv. Pred. v. Drenthe, bladz. 215).

23. Brief van den stadhouder van Drente enz. Wilhelm Ludwig graaf te Nassau aan den heer van Ruinen Henrick van Munster, herhalende dat de collatie der vicarie te Gasselte op een „papen„kint" nietig is, ook naar kanoniek recht; en berichtende dat hij den schulte van Anlo beval, 16 mudden rogge uit die vicarie uit te keeren aan den schoolmeester te Gasselte; dat hij hiermede geenszins van Munster's collatierecht wilde aantasten; — dat Bokelmannus, die Adolfus Besten bedrieglijk is opgevolgd als predikant te Ruinen, ongeschikt is en moet vertrekken en hij een ander zal aanwijzen. 19 September 1600.

1 stuk.

NB. Hierbij een brief dd. 1 Oct. 1600 van den stadhouder aan den heer van Ruinen, dat hij blijft bij zijn bericht omtrent Bockelmannüs.

Sluiten