Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

—, agent van — in 's Gravenhage,

1611—1621 (I. 14 noot). —, represmtanten van —, 1795

(bladz. 5).

—. assessor van —, bladz. 7/8. —, overleden griffier der staten van

-, 1877 (bladz. 7).

—, etstotl (drost en 24 ett.en) van

—, bladz. 6; 1623 (I. 125). —, ette {tevens raad-secretaris) van

1770 (R. 57).

—, synode (classis) pan —, 1607 (I. 35), 1623 (I. 26 noot), 1624 (I. 43), 1627 (I. 39), c. 1648 (I. 36), 1683 (I. 122 noot).

Echten, heer van — en Echtens-

Hogeveen, 1770 (R. 57). —, marke van — , 1520 (Aanh. 4*). —, (plaats), bladz. 3; 1584 (I.

124), 1603—'04 (I. 24). —, gerecht (personen) te —, 1622

(I. 124 noot).

Echtens-Hogeveen, heer van Echten j

en —, 1770 (R. 57).

Een (Ede), buurschaj) in 't kerspel Norch, onder de kerk van Veenhuizen, 1465 (R. 5).

Erlle, de — zie ten Arlo. Ertbruggen, vrijheer tot —, 1704

(R. 31).

Eursinge, bladz. 3.

Exlo (Exloe, Exeloe, Exeloo, Exloo), in '< kerspel Odoorn, 1681 (Aanh. \ bij 58), 1697 (I. 8 noot f, 58; ' R. 25, 27; Aanh. 7*), 1704 (R. 28, Aanh. bij 8).

Frankrijk (Vranckrijek), koning van Groot-Britannië, — en Ierland. 1697 (R. 26).

I

Friesland, staten van —, c. 1593 (I. 31).

Qasselte, vicarie te —, 1600 (I. 23), 1616 a 1619 (I. 19 noot).

—, schoolmeester te —, 1600 (I. 23).

(rees (Ghies, Ghees, Ghyes), in V kerspel Oosterhesselen, 1478 (R. 6j, 1550 (I. 59, R. 15, bladz. 58 noot 2), 1557(1. 60, R. 17), 1757 (I. 62, R. 43), 1770 (I. 84, R. 57).

Gelder, heer van 't Hoog- en Nederambt —, 1704 (. R. 28).

Ghies, 1

Ghyes, ( Uee8"

Gijsselte, bladz. 3.

's Gravenhage, 1611 — 1621 (I. 14 noot), 1645 (I. 7 noot).

Grevink, erf, 1761 (I. 77, R. 44).

Grinten (Gremptin,Grimptin, Grimtin), heer van 1681 (R. 22, 23), 1687 (R. 24), 1697 (R. 25, 27), 1704 (R. 28).

Groesbeek (Groesbeck), heer te —, 1605 (I. 150, R. 19).

Groot-Brittannië (Groot-Britaniën), koning van —, Frankrijk en Ierland, 1697 (R. 26).

Gructeringe, hofstede in 7 Oosteinde in de heerlijkheid Ruinen, 1517 bf '18 (I. 94, R 10).

Gulik (Gulich) hertog te Cleve, — en Berg, 1605 (R. 19).

Haaften (Haeften), vrouw te —, 1578 (I. 148).

Haakswolde (Hakeswolde, Haackswolt, Haexwolt)

—, Buddingwolde en Ruinen, heer van —, 1575 (I. 30).

Sluiten