Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Overal heb ik dit Griekenland lief. De kleur van mijn hart

draagt het. Waarheen men er ziet, ligt een vreugd begraven.

* *

*

Ik ging in een bosch, langs het ruischende water omhoog, waar het over rotsen omlaagdropte, waar het schaloos over kiezels gleed; en langzamerhand verengde zich en werd tot booggang het dal, en eenzaam speelde het middaglicht in het zwijgende donker.

* *

*

Weet gij den naam van dat wat Een en Alles is? Zijn naam is Schoonheid.

* *

*

Wat is alles wat in duizenden jaren de menschen deden en

dachten, tegen één oogenblik van liefde.

* *

*

Duizendmaal heb ik het haar en mij gezegd: het schoonste is ook het heiligste.

* *

*

Van kinderharmonie zijn de volken uitgegaan, geestenharmonie zal het begin zijn van een nieuwe wereld.

De schoonheid redt zich uit het leven van de menschen

omhoog in den geest. Ideaal wordt wat Natuur was.

* *

*

Ik heb geleefd. Meer vreugde kan een god verdragen, maar niet ik.

* *

*

Een betere tijd zoekt ge, een schoonere wereld.

Gij wilde geen menschen, geloof me, een wereld wilde ge.

Daarom, omdat ge alles hebt en niets, omdat het fantoom van de gouden dagen die komen moeten, u behoort en zij toch niet daar zijn, omdat gij een burger zijt in de streken

Sluiten