Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

blijkens de notulen 1737 Maart 7 nog gehandhaafd werd (zie pakket A nr. 15 (nr. 4 van dezen Inv.) Het ligt voor de hand, dat ook de veranderde maatschappelijke toestanden het bezoek van de pottershuizen heeft doen verminderen, maar uit meer dan eene aanteekening blijkt toch, dat dit tot in de 18de eeuw niet geheel heeft opgehouden. Een enkele maal werd er een poklijder in verpleegd (zie de notulen van 1668 April 25).

Bij de reorganisatie der gestichten in 1812 bleven de pottershuizen nog in stand »om (ze) te doen dienen tot opneming en een temporeel verblijf van zoodanige lieden, als daarin te voren zijn opgenomen" (notulen November 24). Zoo overleefde het oude passantenhuis de ziekeninrichting, die, zooals later blijken zal, in genoemd jaar van hare oude bestemming werd vervreemd.

Ziekenhui». Van de verschillende inrichtingen in het gasthuis was die voor de ziekenverpleging zeker wel de belangrijkste. Zij leert zich uit het archief met zekerheid eerst kennen uit een brief van 1453 (zie Reg. nr. 206). Omtrent de vraag voor wie het ziekenhuis bestemd was, laat het archief geen twijfel bestaan. Het stadsbestuur en gasthuismeesters zeggen het ons in de 17de eeuw in onderscheidene besluiten; en nu zou tnen kunnen aanvoeren, dat de autoriteiten dit toen niet met zekerheid konden weten, het is een feit, dat de oude rekeningen op denzelfden regel wijzen, die later in verschillende resolutiën voor de opneming van zieken in het gesticht is gehuldigd, en waarvan de korte zin deze is, dat de ziekeninrichting bestemd was voor vreemdelingen. De uitzonderingen op dien regel zijn echter talrijk: het was toch immers evenzeer een daad van barmhartigheid en misschien ook van goed beleid om in dringende gevallen een arme of minvermogende zieke inwoner van de stad niet af te wijzen; wat kon het ook de inrichting schaden als een meergegoede herstel zijner verloren gezondheid in het gasthuis zocht, indien deze er voor betaalde; en dan nog de soldaten van den landsheer, die zich, wanneer hij te Middelburg vertoefde, tegenover de stichting nooit onbetuigd liet, ook de enkele, die zich van deze aanmeldden, kon men niet weren. Dit zijn drie of vier uitzonderingen op den regel, die reeds onder het gildenbestuur te constateeren zijn; zij doen zich later, in woeliger tijden, in sterker mate voor en worden met andere vermeerderd. Hoe kou het anders in een stad, waar het gasthuis tot 1749 het eenige en uit het gansche gewest wellicht het belangrijkste ziekenhuis was, dat iu alle behoefte aan geneeskundige hulp moest voorzien of helpen voorzien. Het stadsbestuur gelast 1532 Maart 28 de opneming van arme zieken uit de stad, wanneer de armmeesters dat verzoeken (maar zulks bij pro-

Sluiten