Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

457. hiigendomsbewijs van 1 gemet liavmanlands, afkomstig van Maertijn Pietees zoon. 1474.

1 charter (zie Reg. nr. 304).

458. Eigendomsbewijs van 7 gemeten 150 roeden lands, afkomstig van Hannekijn Danckaert Jans zoons weeskind. 1481.

1 charter (zie Reg. nr. 328).

459. Eigendomsbewijs van 202 roeden lands, afkomstig van Pieter Lievijns zoon. 1490.

1 charter (zie Reg. nr. 344).

460. Transportbrief van 1 gemet 10 roeden lands, toekomende aan Jan Pieter Heynricx zoon. 1688.

1 charter (zie Reg. nr. 500).

§3. In Koudekerk e.

N.B. Zie ook nrs. 454, 514, 535 en 555.

461. Eigendomsbewijs van 3 gemeten lands, afkomstig van Bette Willem Grootwerts dochter. 1411.

1 charter (zie Reg. nr. 62).

N.B. Uit den schenkingsbrief blijkt niet, waar dit land gelegen is; het charter wordt echter in nr. 414 (fol. XLIII) vermeld als betrekking hebbende op de onder Koudekerke beschreven perceelen land. — „Gemerkt: „N°. 141", (lees: 14).

462. Transportbrief van 4 gemeten 250 roeden lands in zes stukken, toekomende aan Aechten Mathijs Wouters zoons dochter. 1418.

1 charter (zie Reg. nr. 76).

N.B. Van deze partij zijn 100 roeden gelegen in Oud-Vlissingen.

463. Transportbrief van 128 roeden lands, toekomende aan Jan Willem Wouters zoon. 1422.

1 charter (zie Reg. nr. 90).

464. Stukken betreffende den eigendom van 6 gemeten 291 roeden lands in negen stukken en een huis, afkomstig van Adriaen Jacops zoon uuten Bogaert, die ook verder alle andere door hem na te laten goederen aan het gasthuis schonk. 1428—1472.

7 charters (zie Reg. nrs. 108, 176, 196, 224, 238, 275 en 294).

N.B. De schenkingsbrief is gemerkt: „N°. XIII", en een der transportbrieven: „ N°. XVII", beiden vermeld in nr. 414 (fol. XLI1 verso en XLIII) als betrekking hebbende op de onder Koudekerke beschreven perceelen land. Ken andere der transportbrieven is gemerkt: „Uuytte doose H".

465. Transportbrief van 2 gemeten 22 roeden lands, toekomende aan Jan Joos' zoon. 1444.

1 charter (zie Reg. nr. 175).

N.B. Deze Jan Joos' zoon schonk al zijne na te laten goederen aan het gasthuis (zie nr. 431).

Sluiten