Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

October 28 legden 2 regenten 81 d. a. v. hun post neder. De overige leden der directie bleven nog in functie tot 1800 October 4, toen het bestuur weder in handen van diakenen kwam.

De inrichting van dit bestuur van diakenen was weder niet geheel gelijk aan dat van vóór de afscheidiug in 1771. Wel werden bouwmeesters weder met de geldmiddelen van het huis belast en de ontvangsten en uitgaven met die der Armen vereenigd, maar het waren geen diakenenvaders, die het huishoudelijk bestuur kregen. Het was eejie bijzondere commissie uit het college van diakenen, die voornamelijk in opdracht had zoo spoedig mogelijk iu de nooden der kindereu te voorzien en voorts een reglement van bestuur te ontwerpen, waardoor in 1801 Mei de zaken weder op den ouden voet geregeld zouden zijn. Het ontwerpreglement werd 1801 Mei 15 door de vergadering van 24, zooals het college van diakenen meermalen genoemd wordt, gearresteerd, naar aanleiding waarvan den volgenden dag 4 diakenen-vaders belast werden met het huishoudelijk bestuur van het weeshuis en het toezicht over de bij particulieren onder opzicht gelaten weezen. Zij werden ook met eenige andere werkzaamheden, die vóór 1771 door de wijkmeesters verricht waren, bezwaard. Van dit bestuur werden jaarlijks 2 leden (in 1804 slechts één) in de maand Mei vervangen. Het fungeerde tot 1805 Juni 5, toen een, hoewel uit hel College van diakenen gekozen, door den Raad der stad aangesteld bestuur optrad, waarop niet alleen de functiën van de vorige directie maar ook die van den vader der houwkinderen overgingen; het was echter aan geene jaarlijksche verandering van leden onderworpen.

Het arrêté van den prefekt in dit departement d.d. 1811 Augustus 29, waarbij de Commissie van de Hospices benoemd werd, maakte voor altijd een einde aan het bestuur van de diakonie over gestichten. Nadat reeds van af 1811 September 9 een lid van de zooeven genoemde Commissie met het bijzonder toezicht over het weeshuis was belast geweest, had de aftreding van diakenen-vaders 1812 Februari 15 plaats. Zij werden in hun bestuur over het weeshuis door eene sub-directie van de Commissie der Hospices opgevolgd, bestaande uit 1 president en 3 regenten; de president was lid van het Centraal bestuur van de gestichten, de regenten leden van de burgerij, van wie er 2 als diakenen-vaders in het vorige bestuur zitting hadden gehad. Bij de sluiting van het Armweeshuis werd deze sub-directie ontbonden, de president werd op zijn verzoek ook als lid van de Commissie der Hospices ontslagen en de 8 regenten gingen over in de bij besluit van 1812 October 24 benoemde sub-directie over Gesticht n°. 3 (Burgerweeshuis).

Sluiten