Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1493. 1804—1812.

N.b. In dit deel is b(j vele kinderen ook aanteekening gehouden wanneer en van de wijze waarop zij het gesticht hebben verlaten. — De beschreven bladzijden zijn genummerd 1 tot 201.

Op den rug gemerkt: „II", en op een etiquet op den rug staat: „No. 86 (bi oudarchief Armweeshuis".

1494. Notitiën van aanbestede goederen en levensmiddelen. 1772—1776.

1 omslag.

N.B. Daar vele benoodigdheden voor de armen, de beide weeshuizen en het armziekenhuis vereenigd werden aanbesteed, hebben deze notitien ook op die gestichten betrekking. — Deze notitiën werden in 1904 Januari door den heer J. a. Fbedkriks te Middelburg geschonken. Zie ook het aangeteekende bij nr. 1684.

1495. Inventaris van meubelen en goederen van het gesticht. 1791

1810.

1 deel.

N.B. Geteekend door de verschillende bedienden in het huis, voor zooveel betreft de goederen, die elk hunner onder zijne verantwoording heeft. Op blz. 21 borgstelling voor het beheer van den binnenvader en de binnenmoeder. — De bladzijden zijn genummerd l tot 37, waarna nog 62 beschreven bladzijden volgen, die niet genummerd zijn. — Op een etiquet op den rug staat: „No. 40 oudarchief Armweeshuis".

1496. Rapport van de Raadsheeren Van Hemert en Schorer ter voldoening aan de resolutiën ten Rade van 1757 Januari 16 en Juli 15 '/tot redres der groote disordres" in het bestuur van het Oude weeshuis, met bijlagen, (c. 1758). (Afschriften).

1 pak.

N.B. Deze stukken, die 1904 Januari door den heer J. A. Frkdkriks te Middelburg werden geschoukeu, betreffen niet alleen het Armweeshuis, zij raken ook het Burgerweeshuis, het Armziekenhuis en den dienst der diakonie in het geheel en der verschillende commissiën daaruit. Bovenop ligt eene lijst van de stukken, die alle aanwezig zijn.

D. TOEZICHT OP DE BUITEN HET HUIS VERPLEEGDE WEEZEN.

N.B. Zie ook nr, 1489.

1497. Register van de houwkinderen. 1797 Juni 1 — 1811 November 11.

1 deel.

N.B. Tot 1805 Juni 5 was een der diakenen als „Vader der houwkinderen" (kinderen beneden den leeftijd van 6 jaar, ') die bij burgerpersonen besteed werden) met het toezicht belast, later werd dit door een lid van het bestuur van het weeshuis uitgeoefend. — Dit register bestaat uit twee gedeelten: het eerste {blz. 1 tot 66) loopt van 1797 Juni 1 tot 1805 Juni 5, het tweede (blz. 67 tot 87) van 1805 Juni 5 tot 1811 November

') 1799 September 6 stelde men den leeftijd om in het weeshuis opgenomen te worden op vijf jaar.

Sluiten