Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Leo XIII werd diens opvolger: — hoeveel heerlijke bladzijden van Schaepmans geschriften, hoeveel bewonderenswaardige redevoeringen legden wederom getuigenis af van zijn ongeschokt geloof in dezen herleefden Petrus, als een „Licht des hemels", als den leeraar der Waarheid, als den beschermer der Vrijheid, als den handhaver van het Recht; hoe menigmalen heeft hij, in altoos nieuwe vormen, met altoos stijgende geestdrift, geschreven, gesproken en gezongen óók van dézen glorie-Koning, van dezen lijdens-Koning!

Hn — treffende samenloop der feiten — was Schaepmans allereerste lied een zegezang op den Paus geweest, zijn allerlaatste lied was het evenzoo: als straks heel de Kerk zal jubileeren om het 25-jarig Pausschap óók van den tegenwoordige» Paus, dan zal dat laatste lied, van Schaepmans hooge geloofsvreugde doorgloeid, de harten van duizenden Katholieken in ons vaderland in vervoering brengen voor dezen glorieuzen Feesteling.

O, ware 't dien belijder van het Pausschap gegeven geweest het zilveren jubelfeest van dezen Paus mede te vieren, evenals dat van den vorigen!.... Maar neen, neen, M. G.! Over het zilveren pausfeest van Pius IX heeft hij den jubel der strijdende Kerk gezien; over het zilveren pausfeest van Leo XIII zal hij den jubel der zegepralende Kerk aanschouwen.

Ubi Petrus, ibi Ecclesia; waar Petrus is, daar is de Kerk. Wie zóó zijn geloof in den Paus belijdt, zal zóó ook zijn geloof in de Kerk belijden; dat kan niet anders.

Geen wonder dan ook, dat zijn geloofsgloed klom tot de hoogste hitte, en zijn geloofskracht steeg tot reuzensterkte, zoo dikwijls hij zijn dierbare Moederkerk zag aangevallen.

Dan, dan vooral, gordde hij de heilige wapenrusting aan, waarvan de Apostel spreekt (Eph. VI, 16): het schild des geloofs,. waarmede al de brandende pijlen van den booze worden uitgedoofd, en den helm van de hoop op de eeuwige zaligheid, en het zwaard des Geestes, hetwelk is: Gods woord; — dan werd hij den Machabeër gelijk, die het strijdperk inging, omhoog ziende naar de hemelverschijning boven Jerusalem (2 Mach. XI, 8): een ruiter in een wit kleed, met gouden wapenrusting, een lans zwaaiende; zóó hield hij het oog omhoog geheven naar de hemelverschijning op de heuvelen van Rome, den onfeilbaren Paus der Kerk, en ging hij vóórop den

Sluiten