Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

borg verbonden over aan de stad Groningen. Twaalf jaren later, in 1723, moest de borg zelf, waarvan de Walrich eigenaar was gebleven, gerechtelijk worden geveild. In de omschrijving van het landgoed met zijne poorten, grachten, singels en hoven, wordt uitdrukkelijk gewag gemaakt van de „schone vasen en pedestallen" in den koop begrepen. Een nieuwen „heer" kon Bolsiersema niet vinden, kooper werd de landbouwer Frick Reints en twee jaren later was de borg gesloopt.

BORGH (Huis ter) of GAIJCKINGABORG.

Vijf minuten ten zuidoosten van Warfhuizen, op eenigen afstand ten oosten van den weg naar de Roode Haan, waar thans de boerderij het Oude Bosch is gelegen.

Deze oude burcht, welke reeds in de middeleeuwen moet hebben bestaan l), werd in de I5de eeuw bewoond door het geslacht Ter Borch of Ter Borgh. Door het huwelijk van Euca Ter Borgh met Ludeken Clant, die 10 Januari 1531 stierf, kon van 1484 — 1531 Ludeken Clant, die reeds hoveling van Leermens was, zich tevens „hoveling van der Borch noemen. Zijn tweede zoon Doco Clant huwde in 1522 Betta Jensema en erfde het huis ter Borgh. Het eenige kind uit dezen echt, Euca Clant, bracht door haar huwelijk in 1548 met Allert Gaickinga het huis aan het geslacht Gaickinga, welks leden ook in de I7de eeuw het huis bewoonden. Aan het einde der I7de eeuw, misschien in het begin der i8de eeuw, is de burcht gesloopt. De bezitters van dit huis, in de klauwregisters als „de Borchmans" aangeduid, bezaten tal van heerlijke rechten, o.a. waren zij met den heer van

1) De kroniek van Emo en Menko, blz. 253, uitg. Stratingh en Feith, spreekt in de 13de eeuw van een nobilis Schelto de Warfhusum. De naam Schelto komt in het geslacht Ter Borgh veel voor.

Sluiten