is toegevoegd aan uw favorieten.

De Ommelander Borgen en hare bewoners in de zeventiende en achttiende eeuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ditmar Rengers huwde in het midden der 15de eeuw Hisse Ackinga, eenige dochter van Ebbe Ackinga tot Oldenhuis, waardoor deze borg in het bezit der familie Rengers is gekomen, in welk geslacht zij tot aan hare slooping is gebleven. Wel is in 1631 het landgoed vererfd op een duitschen bloedverwant Philips Heydentrick vt* Asscheberch, doch deze verkocht nog in datzelfde jaar „sodaene borch 01denhuis genaemt . . . met de begraeffenisse in 't zuiden van Tuwinga legersteden" aan Edzard Rengers. Men zoude gemakkelijk eene volledige lijst der heeren Rengers als eigenaren en bewoners van Oldenhuis kunnen opstellen. Een oorkonde van 1 Februari 1512 vermeldt , dat Oldenhuis was omgeven door een „steinen heyminge (d.i. afsluiting of muur), grafften en singelen." Op zeer korten afstand ten noordwesten van Oldenhuis lag de borg Tuwinga, welker bezitters met de heeren van Oldenhuis voortdurend overhoop lagen, waarbij de wapens meermalen werden getrokken, over het gebruik van den langs beide borgen loopenden rijweg van ten Post naar Wittewierum. Door den aankoop van Oldenhuis in 1631 door Edzard Rengers, die reeds heer van Tuwinga was, kwam aan dien strijd voor goed een einde. Oldenhuis schijnt na dien tijd langzamerhand niet meer bewoond te zijn geworden en in verval te zijn geraakt, terwijl Tuwinga bewoond bleef. In 1715 was Oldenhuis gesloopt en werd Tuwinga, evenals verder in de i8de eeuw, het huis Tuwinga—Oldenhuis genoemd. De grachten en singels van Oldenhuis zijn nog tot ver in de I9de eeuw zichtbaar gebleven.

OMPTA of OMPTEDA.

Een kwartier ten noordoosten van 't Zandt, nabij den ouden zeedijk.

Van deze oude borg valt enkel te vermelden, dat zij ge-